Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Never change a winning title nieuws
15 september 2014 | Pierre Spaninks

Pierre Spaninks blogt over zijn ervaringen als jurylid van het Managementboek van het Jaar. Zijn collega’s kunnen en mogen het allemaal heel anders beleven. Graag zelfs, want het proces is gebaat bij een levendige discussie.

Het was maar een klein doosje dat de juryleden van het Managementboek van het Jaar deze week thuisbezorgd kregen. Het bevatte vooral boeken die al voor de zomer waren verschenen maar die om de een of andere reden nog niet waren doorgekomen. Toen ik ze had uitgepakt en op een stapeltje gelegd, bleef mijn blik hangen op de tekst op een van de ruggen: Verboden voor klanten, wij houden van fans.

Los van enig oordeel over de inhoud van dat boek (ik moet het nog lezen) vond ik dat een rare titel. Eigenlijk zijn het twee titels. Ze staan ieder op hun eigen bordje en die twee bordjes hangen naast elkaar op de deur van de winkel. Wij houden van fans zegt de een. En Verboden voor klanten de ander. Dat eerste geloof ik graag. Iedereen die iets wil verkopen houdt van fans. Maar om dan je neus op te halen voor gewone klanten en hen de toegang te ontzeggen?

Een fan ben ik nog niet. Ik ken die hele winkel niet, dus ik weet ook niet wat er te koop is. In theorie is het niet uitgesloten dat ik ooit fan wordt. Maar dan zullen ze toch echt moeten beginnen met me te verleiden om de eerste keer binnen te stappen, me wat rond laten snuffelen, en me de knip laten trekken. Met andere woorden: me klant maken. Maar dat kan niet, want deze winkel wil helemaal geen klanten. Kijk maar: dat staat op dat andere bordje.

Flauw? Nee, niks flauw. Verboden voor klanten, wij houden van fans is gewoon een hele slechte titel voor misschien wel een heel goed boek. Als ik niet in de jury zat van het Management boek van het Jaar, zou ik er nooit aan beginnen. Na deze ervaring kon ik niet anders dan met eenzelfde kritische blik kijken naar de titels van de overige boeken op mijn stapeltje. Zaten er nog meer missers bij - of misschien wel pareltjes? Ik pik er een paar uit.

Briljant in zijn eenvoud lijkt Strategische personeelsplanning. Maar dan die ondertitel, ‘Theorie, instrumenten en praktische aanpak’. Blijkbaar was iemand bang dat potentiële lezers zouden denken: ‘O jee, strategie. Dat zal wel iets heel abstracts wezen.’ Noem het dan desnoods Praktische personeelsplanning, maar roep in elk geval met je titel geen vragen op die de lezer niet heeft.

Van Fluitend veranderen denk ik: ‘Helemaal top!’ Over veranderen bestaan veel ingewikkelde boeken die de lezer de moed in de schoenen doen zinken, maar veranderen kan blijkbaar ook fluitend. Maar blijkbaar heb ik dan de verkeerde associatie. De ondertitel leert dat het hier niet gaat om het veranderen van organisaties maar van jezelf: ‘Ontspannen op weg naar persoonlijk succes’. Dan had het boek dus beter zo kunnen heten.

Minstens zo ontspannen klinkt Happy profit. Eronder staat: ‘Ga voor winst en wees er trots op’. Prima, want dat geeft net genoeg verduidelijking om te zorgen dat lezer met de juiste de verwachting aan het boek begint. Alleen wel slordig dat binnenin in plaats daarvan staat: ‘Hoe anders kijken tot duurzame groei leidt’. Ook het hoofdlettergebruik is labiel: voorop het boek jofel happy profit, achterop deftig Happy Profit. Weer iemand die niet kon kiezen.

Buitengewoon consequent daarentegen is Calimeromarketing. Alleen de toevoeging 3.0 verraadt dat we hier niet te maken hebben met een van de twee voorgaande boeken van dezelfde auteur. Voor wie het concept nog niet kende, staat het er nog eens met zoveel woorden onder: ‘De slimme marketingfilosofie voor ondernemers, van zzp tot mkb’. ‘Never change a winning title’, zou je haast zeggen. Ware het niet dat de jury zich even afvroeg of dit boek met deze titel wel nieuw genoeg was om mee te mogen doen aan de verkiezing van het Managementboek van het Jaar 2015. Bij nadere inspectie bleek dat overigens ruimschoots het geval te zijn.

Waar leidt dit toe? In elk geval tot een les voor auteurs en uitgevers van managementboeken: denk goed na over de titel. Laat u niet verleiden door iets wat misschien wel lekker klinkt maar dat inhoudelijk nonsens is. En als u eenmaal een keus heeft gemaakt, ga daar dan vooral niet weer iets aan toe- of afdoen met een slappe ondertitel.

Reageer via Twitter naar @PierreSpaninks met hashtag #MB2015

De wet van Karen Romme: ‘Gedraag je als een vuurtoren, wees zichtbaar!’ interview
15 februari 2011 | Ronald Buitenhuis

Op internet is elk bedrijf even groot, namelijk net zo groot als een beeldscherm. In een notendop is dat de essentie van Calimeromarketing. Na de editie uit 2004 en een herziene versie in 2009 - Calimeromarketing 2.0 - is er nu ook een speedversie van 64 bladzijden – Calimeromarketing 2.0 in een eierdop - dat je in een stiefuurtje hebt gelezen. M&L sprak in lijn met die speedversie even met de auteur van dit alles, Karen Romme.

Even het geheugen opfrissen: wat bedoel je ook al weer met Calimeromarketing?
‘De basis van Calimeromarketing of de gedachte erachter is dat mensen zaken doen met mensen. Heel veel kleine ondernemers denken dat mensen zaken willen doen met een bedrijf, maar volgens mij willen mensen zaken doen met de mensen achter dat bedrijf. En als je dan als kleine ondernemer met marketing aan de slag gaat, moet je dus niet je bedrijf promoten, maar jezelf inzetten als boegbeeld.’

Ben jij het levende bewijs van deze ‘filosofie’, als columnist van het gerespecteerde Financieele Dagblad?Geen topman van een groot bedrijf, maar een zzp’er als columnist?
‘Ik denk het wel. Ik heb contact gekregen met de redacteur die daar over ging via Twitter. Hij was op zoek naar een columnist. Ik zat via Twitter in zijn gezichtsveld en hij vroeg of ik een proefcolumn wilde schrijven.’

Social media, Twitter, Facebook heeft voor jou goed dus gewerkt. Door veel zzp’ers wordt daar nog vaak lacherig over gedaan. Geen tijd voor, wat levert het op, enzovoort enzovoort. Is jouw boek een pleidooi om vooral wel met social media aan de slag te gaan?
‘Wat ik met mijn boeken wil, is mensen laten zien dat je als persoon een heel machtig wapen bent op marketinggebied, en hoe je jezelf kunt inzetten. Daar geef ik in mijn boek allerlei voorbeelden van en middelen voor, waaronder dus Twitter, Linkedin, en bloggen. Tegelijkertijd geef ik aan dat je vooral die dingen moet doen waar je jezelf prettig bij voelt. Er moet niks. Mijn ervaring is overigens wel dat het aantal ondernemers dat heel erg tegen social media is, snel afneemt.’

Heel veel zzp’ers zijn in reorganisatiegolven min of meer verplicht tot zelfstandigheid gedwongen. Is elke zzp’er wel een merk?
‘Je hebt natuurlijk heel veel zzp’ers die ongeveer hetzelfde doen, maar omgekeerd zijn er ook heel veel bedrijven die ongeveer hetzelfde nodig hebben. Als de zzp’er erachter kan komen waar zijn of haar onderscheidende vermogen ligt, dan zijn ook die zzp’ers prima in staat klanten te vinden. Veel kleine ondernemers kopiëren het marketinggedrag van grote bedrijven. Dat is jammer. Grote bedrijven hebben de massa en willen meer van de massa. Dan ben je aangewezen op dure massamedia. Kleine ondernemers hebben maar relatief weinig klanten nodig. Als je maar heel weinig klanten nodig hebt, kun je twee strategieën volgen. Of je zet vol in op acquisitie en gaat op zoek naar de spelden in de hooiberg, of je zorgt dat je een vuurtoren wordt, met andere woorden zichtbaar wordt, en dat al die mensen in jouw doelgroep de weg naar jou weten te vinden. Dan kun jij bepalen of je ze echt als klant wilt. Ga bijvoorbeeld les geven of spreek in het openbaar. Als je ergens les gaat geven, denken heel veel mensen dat je ergens verstand van hebt. Ik zeg niet dat dat altijd zo is, maar het is in ieder geval de perceptie van mensen. En marketing draait om perceptie. Free publicity is ook zo’n ding. Benader journalisten of zij jouw verhaal willen vertellen. Voor Calimeromarketing 2.0 zijn mijn marketinginspanningen beperkt gebleven tot twee berichten op Twitter.’

‘Op internet is elk bedrijf even groot. De grootte van het beeldscherm!’ Leg uit.
‘Grote bedrijven hebben op internet heel veel verschillende dingen te vertellen tegen heel veel verschillende mensen. En dat moeten ze allemaal op zo’n piepklein beeldschermpje doen. Als kleine ondernemer heb je weinig dingen te vertellen tegen een kleinere groep mensen en dan is zo’n beeldscherm een enorm mooi groot medium om te vertellen aan mensen wat je echt kunt. Een goede website is de basis voor goede Calimeromarketing.’

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden