Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Jitske Kramer: ‘Nu kans om samenleving anders in te richten’ interview
15 oktober 2020 | Paul Groothengel

Wat is de impact van de corona-crisis op ons gedrag? Grijpen we nu de kans om zaken structureel te verbeteren? Antropoloog Jitske Kramer waarschuwt voor culture shocks en pleit voor daadkracht.

De coronacrisis als collectieve culture shock. Dat is hoe cultureel antropoloog Jitske Kramer bij voorkeur naar deze bizarre tijd kijkt. Hoe mensen reageren op een onverwachte schok van buitenaf, verloopt volgens Kramer in grote lijnen volgens vaste patronen. Al reageren we als individu uiteenlopend op crises, beaamt Kramer: "Zo weet ik van mezelf dat ik in zware tijden de neiging heb te verlammen, het liefst te willen slapen. Om dat te voorkomen, moet ik in beweging blijven, letterlijk en figuurlijk, waardoor ik juist heel scherp en creatief wordt."

Vanaf half maart zag Kramer veel werk, zoals lezingen, wegvallen. "Dus ik had opeens meer tijd om met mensen te gaan praten, om veldwerk te doen, waarvoor ik ben opgeleid."

Kramer ging met haar collega's aan de slag met online workshops om Zoom-vergaderingen menselijker te maken. Ze gaf interviews over de lessen die organisaties in crisis kunnen leren van antropologie - ze noemt zich corporate antropoloog -, en plaatste korte interviewfilmpjes op hun Human Dimensions YouTube kanaal.

Van honeymoon naar culture shock
Uit die gesprekken bleek dat mensen net zo reageren op de coronacrisis als wanneer ze voor langere tijd in een andere cultuur gaan wonen, ontdekte Kramer, die zelf lang in Afrika woonde en werkte. "Eerst schrokken we van de verandering. Er brak pandemiepaniek uit, we gingen wc-rollen hamsteren. Vervolgens reageerden we behoorlijk euforisch. Zolang we zelf geen corona hebben, genieten we van de nieuwe situatie. We mochten zelfs thuis werken, dus hoefden niet meer in de file."

We zijn tactiele wezens, houden niet van isolement. We willen elkaar zien en voelen
Overdag thuis met de gezinsleden, Kramer noemt dit dan ook de ‘honeymoonfase'. Maar eenmaal aan deze nieuwe situatie gewend, dalen de veranderingen en de gevolgen daarvan écht in: zo moeten we strikt anderhalve meter afstand houden en andere regels in acht nemen. Opgelegde maatregelen zonder einddatum kunnen volgens Kramer makkelijk leiden tot stress. "We zijn tactiele wezens, houden niet van isolement. We willen elkaar zien en voelen. Een online borrel op vrijdagmiddag vinden we toch wat armoedig. Dat afstand houden kan makkelijk leiden tot een eerste culture shock. Wat later in deze fase komen onze waarden en overtuigingen onder druk te staan: wat ís nou eigenlijk goede klantbediening of interne samenwerking? Hoeveel ís een mensenleven ons eigenlijk waard? Het is zoeken naar de juiste antwoorden. En dat kan een tweede culture shock veroorzaken", analyseert Kramer.

Pas op voor romantisering
De vraag is: hoe nu verder? ‘Never waste a good crisis', toch? Kramer: ‘Als je redeneert: we gaan straks terug naar normaal, dit is een tijdelijke periode, dan vergeten we dat dat eigenlijk niet kan. Omdat deze crisis mensen verandert. We zijn een bepaalde naïviteit nu wel kwijt. Bovendien, wás dat oude normaal, zeg in februari 2020, nou wel zo normaal? We zijn het gek genoeg vergeten, maar we hadden het vlak voor corona over PFAS, boze boeren, gele hesjes, het klimaat, tekorten in de zorg, een schoolsysteem dat uit de rails liep, en ga zo maar door. Willen we daar naar terug?"

Kramer waarschuwt voor romantisering van dat oude normaal. Veel leiders zijn moe, signaleert ze, maar ze hebben nu wel een heel goed moment om te experimenteren, om door te pakken met structurele veranderingen: "We hadden toch te grote klassen en een lerarentekort? Nu zien we dat online lesgeven kansen biedt. Stuur die leerlingen na corona dan niet meer massaal naar school, maar differentieer in lesgeven. Deels op school, deels thuis."

Exact hetzelfde geldt voor werknemers: kijk wat voor soort werk het beste op welke plek kan, en geef mensen de vrijheid dit zelf en samen te bepalen. "En zorgmedewerkers vertelden mij dat ze vreesden straks weer opgeslokt te worden door het reguliere systeem vol regeltjes en formulieren. Ze hebben tijdens deze crisis ondervonden dat het zonder al die bureaucratie ook prima kan. Dus dat zouden de betrokken partijen juist nu anders kunnen gaan organiseren." Kortom, we moeten het ijzer smeden als het heet is, stelt Kramer: "We hebben nu een uitgelezen kans om de samenleving anders en beter in te richten. Leiders moeten zowel veerkracht als daadkracht tonen."

Op 12 februari 2021 spreekt Jitske Kramer op het seminar 'De essentie van cultuur' over 'Samenwerken in crisis: van twijfel naar daadkracht'.

Place your bets please column
24 februari 2020 | Pierre Pieterse

Toen ik de longlist onder ogen kreeg, was mijn eerste reactie ‘daar valt een degelijke shortlist uit te distilleren'. En ook bij nadere analyse blijft die conclusie fier overeind. Wat vinden we zoal op deze eerste schifting van het boekenjaar 2019?

Natuurlijk het boek waar je niet om heen kunt (Het grote gevecht van Jeroen Smit, over het eenzame gelijk van Unilevers Paul Polman). Dan het verrassend goede boek (De onsterfelijke onderneming, van Fons van Dyck, verrassend omdat het weer over Apple gaat maar met een twist die het weer net even anders dan anders maakt, verrassend dus).

Ook het degelijke vakwerk ontbreekt niet (Meer dan de som der delen, van Leike van Oss cum suis, een overzicht van de belangrijkste systeemdenkers over organiseren en veranderen, een overzicht dat orde brengt in de chaos die de vele benaderingen van systeemdenken met zich meebrengt).

En dan het boek dat je wist dat op de longlist terecht zou komen (Jam Cultures - over inclusie als probleemoplosser - van Jitske Kramer, die overigens voor de derde keer op deze lijst staat). Ook mocht ‘het andere perspectief' niet ontbreken (Top Teams van Katja Staartjes dat teamwork en leiderschap vanaf de bergtoppen beschouwt).

En uiteraard is er ook dit jaar weer een heuse zwarte zwaan (Cicero leest Covey van Harm Klifman, een managementboek over het gebruik van retorica in het managementboek, kort door de bocht: wat maakt een managementboek een goed en goed leesbaar boek). Wat algemene observaties, vanaf de zijlijn. Veel boeken dit jaar waarin ‘het verhaal' centraal stond. Twee daarvan hebben de longlist gehaald: Formule X en Dagboek van bewust leiderschap.

Natuurlijk is dit format, het managementboek als roman, niet nieuw (The Goal van Eliyahu Goldratt uit 1984 is zelfs wereldberoemd, en Harvard Business Review opende in de jaren '80 en '90 telkens met een uit het leven gegrepen cover story). Maar toch. Dit jaar ook opvallend veel modellenboeken of boeken waarin een bepaald model een hoofdrol speelt. De kwaliteit van dergelijke boeken valt uiteraard met de kwaliteit van het model, en daar schort het nog wel eens aan. Geregeld ontbreekt de nodige onderbouwing of gewoon elementair onderzoek, en dan blijft er voor de professionele lezer/gebruiker weinig over.

Een blijvertje is het thema ‘bezieling' of ‘zingeving'. Twee titels heeft de jury uit het aanbod getild: Bezieling (‘what's in a name') en De gelukkige organisatie. Het blijft een lastig onderwerp, zeker voor het grote publiek (vaag, wat staat er onder de streep, hoe krijg je het in de organisatie) maar is daarmee niet minder belangrijk natuurlijk.

En dan vergeet ik bijna nog de outsider: Het is oorlog maar niemand die het ziet, van Huib Modderkolk. Geen managementboek pur sang maar wel een uiterst actueel en voor bedrijven en organisaties bijzonder belangrijk boek, over de cyberoorlog die elk moment de wereld lam kan leggen.

Over een paar weken is er een shortlist, waarna het serieuze speculeren kan beginnen. Waarmee niet gezegd dat de uiteindelijk samenstelling van de shortlist geen gokje waard is. Place your bets please.

De longlist van het Managementboek van het Jaar 2020

Jitske Kramer over Jam Cultures - Jammen of dirigeren? interview
24 augustus 2019 | Ronald Buitenhuis

We hebben last van een ‘inclusieparadox'. We willen graag anders, maar houden toch vaak vast aan het oude. We klonen onszelf graag. Zoeken 't liefst ‘gelijksoortigen'. Ons leven is als een orkest dat keurig noten van bladmuziek speelt. Altijd hetzelfde. Jitske Kramer pleit in haar nieuwe boek Jam Cultures juist voor gestructureerde chaos. Kramer: ‘In jamsessies wisselt leiderschap steeds en is muziek nooit hetzelfde.'

Normaal is anders. Wow, wat een verschil. Deep Democracy. De Corporate Tribe, Building Tribes. En nu Jam Cultures. Vraag aan Jitske Kramer of er een rode draad in de boeken van de antropologe/auteur is te ontdekken, en ze zegt: ‘Als kind was ik al gefascineerd waarom mensen de dingen doen zoals ze doen en ze zo vaak reageren met "doe normaal" in plaats van "wat leuk dat jij het anders doet!". Daar kwam later de verwondering bij hoe het mogelijk is dat mensen samen iets creëren dat niemand wil hebben. Denk aan de puinhopen rond Brexit, mislukte fusies en verwoede pogingen de organisatie veiliger voor feedback te maken. De rode draad in mijn boeken is, denk ik, de zoektocht naar hoe we samen culturen kunnen creëren waarin iedereen tot zijn of haar recht komt. Hoe we om kunnen gaan met mensen die we misschien wat minder leuk vinden. Wat dit vraagt van leiders. Hoe we ervoor zorgen dat iedereen mee kan doen, denk aan bijvoorbeeld scholing, werk, of zorg, mee kan praten en mee kan beslissen. Inclusie dus.' Jitske Kramer is inmiddels voorbij aan de wetenschappelijke discussie of diversiteit nuttig of noodzakelijk is. Om vier redenen is dat al wel helder: het is de tijdgeest (‘je doet beter zaken met China als er een Chinees bij je werkt'), het is sociaal en eerlijk (‘Ahmed moet dezelfde kans krijgen als Jan; vrouwen moeten evenveel verdienen als mannen'), de vijver wordt er groter door (‘we hebben een arbeidsmarktprobleem'), en de kwaliteit van werk neemt door de combinatie meer diversiteit en inclusie toe. Het nieuwe boek Jam Cultures van Jitske Kramer geeft antwoorden op de vragen waarom we diversiteit vaak zo lastig vinden en hoe we inclusiever kunnen worden.

Macht, hokjes en een paradox

Een mooi voorbeeld in Jam Cultures van hoe we er en puinhoop van hebben gemaakt in de wereld, is de controverse huti/tutsi. De naam huti stond vroeger voor boer. Tutsi stond voor herder. In wezen werden deze termen gebruikt om aan te geven hoeveel koeien iemand had. Dit kon wisselen waardoor je van Hutu een Tutsi kon worden en andersom. Tot de Belgen een steviger macht willen hebben in Rwanda en besloten de term Tutsi toe te wijzen aan de wat langere mensen met een lichtere huidtint en een smallere neus. En hen te installeren als nieuwe tribale leiders. Toen ging het mis.

Op een soortgelijke manier maken we elkaar het leven zuur op ons werk en ook privé. We zetten mensen vast in hokjes en verspreiden verhalen over elkaar. De kern van inclusie is volgens Kramer de volgende vraag: hoe kunnen we samen mensen zijn, juist met degenen die anders in het leven staan? ‘Inclusie betekent dat iedereen welkom is, maar niet dat we elk gedrag tolereren. Over deze grens zullen we het samen moeten hebben. En daarmee gaat inclusie over macht. Wie mag waar welke grens trekken? Wie bepaalt wat normaal is en wie krijgt wat in termen van geld, banen, promoties, eten en andere privileges?' In dit samenwerken met diversiteit komen we veel verschillende ideeën tegen. Dat is fantastisch, want het geeft vernieuwing en meer inzichten. En lastig, want meer tegenstellingen en botsende meningen. Kramer: ‘Hoe minder diversiteit in een groep, des te groter de druk zal zijn om je aan te passen aan de dominante meerderheid. Hoe meer diversiteit er is, des te spannender het wordt om samen op één lijn te komen. De inclusieparadox is dan: wees jezelf en pas je aan.'

Inclusief leiderschap

Jam Cultures is een zoektocht om de patronen van exclusie te herkennen en om te komen tot echte inclusie. Kramer gebruikt daarvoor de metafoor van een jamsessie. Veel organisaties bestaan op basis van hiërarchie: het zijn strak geleide symfonieorkesten. Er is een baas die de maat slaat. De rest volgt. Kramer pleit in haar boek voor veel meer jamsessies. ‘Cultuurvorming gaat niet (meer) over het namaken van uniformiteit, maar over het goed organiseren van diversiteit. Inclusie krijg je door te jammen met verschillen', zegt Kramer. ‘Dat vraagt leiderschap waarbij de leider niet alles hoeft te weten, maar wel moed toont door gesprekken aan te gaan, iedereen te horen, de spanning van conflicten durft in te stappen en niet terugschrikt voor ethische gesprekken over de eerlijke verdeling van budgetten en taken. ervoor zorgen dat iedereen kan meedoen, meepraten en meebeslissen is hard werken.'

Hard werken

Kramer is een idealist, maar geen dromer. Ze heeft de missie om mensen en organisaties te activeren om woest aantrekkelijk te zijn voor alles en iedereen. Is inclusie eigenlijk hetzelfde als democratie of zelfsturende teams? ‘Nee. Mensen hebben leiders nodig, we zijn sociale groepswezens die hiërarchieën bouwen en tegelijkertijd autonoom willen zijn. Weer die paradox. We willen uitdaging én veiligheid. We willen vrijheid, maar wel dat iedereen een beetje normaal doet. Iedereen mag aandoen wat ie zelf wil, maar over een hoofddoek, tatoeages, te bloot of te zakelijk doen we dan wel weer moeilijk. Inclusief leiderschap vraagt een mix van krachtig en verbindend leiderschap. Jezelf laten zien én jezelf wegcijferen. Inclusie vraagt lef en moed en vertrouwen'

Jitske Kramer gaat binnenkort naar een Duits bedrijf. Jaren werd dat geleid op basis van pure democratie. Leiders, ook de CEO, stelden zich elk jaar verkiesbaar voor hun functie en werden democratisch herkozen, of niet. Je zou zeggen inclusie in optima forma. Maar toen de oprichter weg ging, het bedrijf groeide en zich verspreidde over vier continenten, ging het mis. Het stemmen werd misbruikt om van leiders af te komen, echte gesprekken bleven achterwege en de zittende macht stelde de verkiezingen uit. Niet meer vrij jammen, maar houvast zoeken in machtsposities. Kramer: ‘Dat gebeurt. Inclusie vraagt een verhaal waar we allemaal in kunnen geloven. Dat verbindt en ruimte geeft voor diversiteit. Niet zozeer gezamenlijk en hetzelfde, maar wel verenigbaar met ruimte voor verschil en eigen inkleuring. Er is geen recept. Het is niet of-of, het is en-en. Power & Love. Soms is snoeihard leiderschap nodig, soms zacht en luisterend. Niet alles kan en moet zonder patronen. Inclusie is constant schakelen. In het boek beschrijf ik de Jam Cirkel, een handvat om de chaos van jammen enigszins te structureren, om samen onderdeel te kunnen zijn van een swingend geheel.' In haar boek haalt ze de band Kyteman aan; dit ensemble was jammen bij uitstek. Leadman Colin Benders leidde, maar gaf zijn orkest volop de ruimte. Kramer: ‘Ook in organisaties is het de kunst om je geluid te laten horen zoals in een jamsessie, zonder direct teruggefloten te worden. Inclusief leiderschap betekent dat je mensen niet het gevóel geeft dat ze gehoord worden, maar dat ze daadwerkelijk mee mogen spelen.'

Vijf thema's, acht dimensies

In haar eerdere boek Wow! Wat een verschil formuleerde Kramer al acht inclusieprincipes. In Jam Cultures voegt ze daar vijf thema's aan toe: onderscheid, macht, waarheid, vertrouwen, en lef. Kramer loopt deze vijf door met de jamsession metafoor in het achterhoofd. ‘Bij onderscheid bedoel ik vooral: laat jezelf horen en luister oprecht naar anderen. Breng een nieuw instrument in. Ga jezelf niet klonen, geef ruimte aan tegenstellingen en mensen die anders zijn dan jij.' Over de factor macht zegt ze: ‘Wie zet de toon als er een nieuw stuk muziek wordt gespeeld? Zie de macht van macht, weet wanneer je moet stoppen met je solo, deel je privileges en moedig anderen aan hun ruimte te nemen.' Bij waarheid draait het om het erkennen van je eigen neiging naar het geloof in jouw bladmuziek en de bereidheid om samen te zoeken naar een nieuw geluid. Naar synergie. Kramer: ‘In muziek is geen waarheid. Improviseren, werken in flow, vraagt voortbouwen op het aanbod van de ander.' En dat brengt ons op vertrouwen. ‘Je speelt samen zonder dat je exact weet waar je uit gaat komen, maar met de zekerheid dat iedereen naar elkaar wil luisteren. Dat zou in teams, co-creatie projecten, ketensamenwerkingen in het bedrijfsleven en bij overheden niet anders moeten zijn.' En ten slotte: heb lef. Kramer: ‘Genereer rebelse energie, durf de status quo ter discussie te stellen. Spreek uit wat je gaaf vindt, durf de toon van de muziek te bepalen en heb het lef de ander te volgen.'

Huppelende halleluja

Inclusie is geen ‘huppelende halleluja', benadrukt Kramer. Het is een constant schakelen tussen bladmuziek en jammen. Tussen sturen en volgen. Daar is geen recept voor, wel een vertrekpunt. En dat vertrekpunt is dat iedereen mag meedoen. Kramer heeft daarvoor ‘bladmuziek' geschreven in de vorm van een nieuw boek. Maar de uitvoering ervan zal één grote jamsessie zijn. Geen bedrijf is immers identiek. De vraag die rest: wil je dirigent van een orkest zijn, of durf je de uitdaging van een jamsession aan? Jammen of dirigeren? Of is het met de juiste timing van allebei wat?

Op 7 oktober 2020 spreekt Jitske Kramer op het seminar 'Veranderdynamiek'.

Dolf Jansen: ‘Ik ben hofnar, maar de inhoud moet wel kloppen’ interview
17 mei 2019 | Ronald Buitenhuis

Dolf Jansen is cabaretier. Jitske Kramer schreef het boek Jam Cultures. Over inclusie; meedoen. Samen staan ze – jammend met woorden – op het podium bij het Avondseminar Jam Cultures. Als aangever en afmaker. Vice versa. Dolf is er daarbij niet alleen voor de satire en de lach.

Management(boeken) en Dolf Jansen. Is dat geen contradictio in terminis? Nee hoor, zo laat Dolf Jansen weten. ‘Natuurlijk zal ik niet nalaten om bedrijven die in hun corporate brochures onzin verkondigen met satire te bestoken. Maar ik wil ook graag leren. Ik ben geïnteresseerd in andere werelden om daarmee mijn eigen ideeën te toetsen om zo betere antwoorden te vinden. En ik leer ook van de managementwereld.’ Hoewel hij vaak hard oordeelt in zijn optredens, is Jansen niet veroordelend. Als hij samen op het podium staat met Jitske Kramer, hoopt hij ook dat zij hem een paar keer in de hoek zet. ‘Ik hoop dat ik een paar keer verschrikkelijk ongelijk heb. Ik kan daar tegen en het helpt me verder. Ik voer ook gesprekken met LTO Nederland over de agrarische sector. Ik ben niet tegen boeren, maar wel tegen het systeem. In dat soort gesprekken heb ik ook niet altijd gelijk, maar ze helpen mij wel verder.’

Jammen met woorden

Bezoekers kunnen tijdens het Avondseminar op het podium een spannende dialoog tussen Dolf en Jitske tegemoet zien. Het is jammen met woorden. Deels hebben Dolf en Jitske zich voorbereid op basis van het thema inclusie, maar nog veel vaker zal het volstrekt onvoorspelbaar zijn wat er ‘on stage’ gaat gebeuren. De twee kwamen elkaar bij toeval tegen op een event en het gedachtegoed van Jitske boeide Dolf dermate dat ze sindsdien vaker samen op het podium staan. Kramers thema inclusie past ook bij de maatschappelijke betrokkenheid die Dolf etaleert in zijn optredens. Dolf: ‘Inclusie raakt natuurlijk aan macht. En macht, en de rol van de mens daarin, intrigeren me. Kijk naar de macht van lobbyen in het bedrijfsleven. Hoe kan het ‘groenste kabinet ooit’ luchthaven Schiphol de vrije ruimte geven? In de basis mag iedereen meedoen in Nederland, maar in het systeem – wat dat ook mag zijn – zitten toch heel veel verschillen.’ Dolf Jansen is de eerste om daar harde grappen over te maken. Toch is ook hij inclusief. ‘Ik kan het heel erg oneens zijn met pakweg Forum voor Democratie. Ik kan ze als cabaretier met argumenten fileren. Doe dat ook. Maar hoe moeilijk ik het ook vind, ik moet ze wel serieus nemen en ze een plek gunnen. Nadenken over wat ze zeggen en daar zelf weer slimmer door worden. Altijd de balans zoeken.’ Past dat wel bij waterval Jansen… tijd nemen, balans zoeken en nadenken? Dolf: ‘Ik denk snel, dus dat kan wel. Maar afwijzen heeft niet altijd even veel zin. Door te luisteren kun je beter andere meningen en culturen snappen. Dat is in feite ook het werk van Jitske. Hopen dat je verder komt door elkaar te begrijpen. Jitkse laat zien wat in Afrika normaal is. Als ik dat hoor denk ik: wie ben ik om te denken wat normaal is. Op het podium hoop ik die discussie met Jitske te kunnen voeren in een boeiende dialoog.’ Om elkaar te overtuigen, en om elkaar – al dan niet met een satirische twist – tegen te spreken.

Hardlopen

Maar toch. Als hardloper Dolf in een marathon voorbij wordt gelopen door diverse Kenianen, is hijzelf dan nog wel inclusief? Feitelijk mag hij niet meedoen…. Niet goed genoeg. Dolf: ‘Ha, ha ze starten altijd voor me dus ik zie ze nauwelijks. Ik loop een eigen race. Eigenlijk vind ik het prachtig dat deze Afrikanen ergens in uitblinken en er geld mee verdienen.’ De achterliggende vraag hierbij is natuurlijk: iedereen blinkt wel ergens in uit. Niks is echt inclusief, er is altijd hiërarchie. Dolf: ‘Klopt. Maar het gaat om een basishouding. En die basishouding moet zijn: iemand iets gunnen.’ Op het avondseminar Jam Cultures hoopt Dolf samen met Jitske in balans te zijn. Een goede combi van inhoud en een goede grap. Al jammend…. De uitkomst staat net als bij een jamsessie daarbij nooit vast. Dolf: ‘Tuurlijk, ik ben de hofnar, maar het moet wel kloppen. Als ik iets beweer dat niet klopt, hoop ik dat Jitske me terechtwijst. Anderzijds: als cabaretier heb je de mogelijkheid om inclusie met satire als onderwerp op de kaart te zetten. Voor mij is de avond geslaagd als ik drie nieuwe dingen heb geleerd, twee keer klem ben gezet door Jiske en een paar goede grappen heb gemaakt. Maar bovenal is deze (management)wereld voor mij een extra stap. Een mogelijkheid om iets van een andere cultuur te leren.’ Eigenlijk weer het thema van Jitske: andere culturen.

Voor meer informatie of inschrijven kijkt u op managementboek.nl/jamcultures

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden