Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Interview

Christiaan Schreurs

‘Accepteer dat we fouten maken’

Christiaan Schreurs krijgt tijdens zijn werk als ingenieur steeds meer te maken met regels en controledwang. Hij pleit in Denken als Einstein voor meer vertrouwen in het professionele niveau van technici. 

Bas Hakker | 12 oktober 2021 | 5-7 minuten leestijd

Waarom een boek?

Mijn ambitie was vooral om collega technici een beetje moed in te spreken. We staan bijvoorbeeld bij de energietransitie naar duurzaam op technisch gebied voor een enorme opgave. Maar er mag niets fout gaan en daar word je hard op afgerekend. De overheid en bedrijven hebben bijna allemaal een systeem bedacht waarbij techneuten heel veel verantwoording moeten afleggen, vaak aan mensen die er stukken minder verstand van hebben: managers zonder technische bagage. Dat ‘niets mag fout gaan’ levert heel veel druk op voor mijn collega’s en daardoor kunnen zij minder kwaliteit leveren.

Waar komt dat streven naar perfectie vandaan?

De maatschappij accepteert geen fouten meer; als er even geen elektriciteit is dan staat het in de krant. Je kan het ook goed zien aan de manier waarop we omgaan met het Coronavirus; het virus gedraagt zich uitermate onvoorspelbaar en toch verlangt iedereen dat alle maatregelen perfect werken. Dat is gewoon niet realistisch.

Heb je zelf ook te maken met die druk?

Zeker, er is bijvoorbeeld consensus dat er meer zonnepanelen op daken moeten komen. Maar technisch, juridisch en commercieel is dat allemaal heel lastig te realiseren. Ik doe zelf een project met 12.000 vierkante meter dak en je komt dan in een heel gedoe terecht met verzekeraars, investeerders en de overheid. Dat is allemaal zo ingewikkeld geworden. Een ander voorbeeld: het zonnedak van de buurman krijgt geen elektrische aansluiting en hij vroeg of dat bij ons kon. Technisch gezien is dat een kwestie van een draadje onder het hek door, maar het heeft zeven maanden geduurd voordat de Autoriteit Consument en Markt dat goedkeurde. Het probleem is dat we voor een enorme energietransitie staan, maar het is ingewikkeld gemaakt door de controledwang en de liberalisering van de elektriciteitsmarkt.

Die liberalisering helpt niet in de snelheid van de energietransitie?

Zeker niet, vroeger kreeg je een eenvoudige rekening van jouw stroomleverancier. Maar nu staan er meer dan tien posten op die rekening, omdat elke stap in het leverproces door een ander bedrijf wordt gedaan. Het is allemaal veel te ingewikkeld gemaakt door mensen. Je kan die energietransitie niet realiseren door als overheid te zeggen: we hebben dertig miljard en kom maar met initiatieven want dan wordt het een grote chaos. Ik vergelijk het vaak met de elektrificatie van Nederland in het begin van de vorige eeuw, dat was een vergelijkbare technische operatie. Destijds zei de overheid om het allemaal een beetje te stroomlijnen: we gaan regionale maatschappijen oprichten. Die maatschappijen bouwden het netwerk en de centrales en rond 1960 was het allemaal top geregeld. Er moet nu weer zo’n soort Deltaplan komen.

In welke zin kunnen we dan iets leren van Einstein?

Einstein begon aan de ontwikkeling van zijn theorie, maar hij wist niet of het zou lukken allemaal. Dan had hij weer een paar vondsten en daarna een paar jaar niks. Hij zei: ik weet nog niet waar ik uitkom, maar ik ga wel alvast op pad. Dat vertrouwen zou je aan technici ook moeten geven. Zo ging dat immers ook bij de Deltawerken; er was de ambitie om Nederland te beschermen tegen het water, maar er moest nog een heleboel geleerd worden. Daar werd dan ook flink mee geëxperimenteerd en ondertussen bleef het vertrouwen in stand. Je zou nu ook tegen technici moeten zeggen: jullie kennen het probleem en we hebben er vertrouwen in dat jullie het probleem gaan oplossen. Gooi ondertussen al die controlemechanismen in de prullenbak.

Heldere doelen dus en veel vertrouwen, dat is er nodig?

Zeker, we moeten ook eens accepteren dat we fouten maken, dat deed Einstein ook. Zonder fouten boek je geen enkele vooruitgang. Je moet af van de mores van LinkedIn wat voor tachtig procent een showroom is van blinkend chroom waar alles perfect is. Maar het perfecte is helemaal niet interessant; de fouten zijn interessant. Ik las een verhaal van de Gasunie over hoe ze daar het probleem van het vinden van nieuwe mensen oplossen. Dat is veel interessanter want dan gaan anderen zich er mee bemoeien en meedenken…zo van: hoe hebben wij dat opgelost.  Zo kom je verder. Om fouten te mogen maken, heb je veel vertrouwen nodig van het management in plaats van al die rapporten die geleverd moeten worden. Het is wel dwars tegen de tijdsgeest in.

Zijn er wel hoopgevende initiatieven waar ze dat wel goed doen?

Mijn voormalig directeur,  Cas König, van Groningen Seaports, kijkt daar ook zo tegenaan. Hij stuurt veel meer aan met als gedachte: waar willen we heen? Hij geeft de ruimte om dat te realiseren op een praktische manier. Hij zegt ook: ‘we zullen ongetwijfeld fouten maken’. Als je ziet wat er aan de Eemsmond allemaal is gebeurd; veel werkgelegenheid, veel industrie. Jammer dat je vooral veel hoort over de aardbevingen terwijl dit succesverhaal toch ook bijzonder is. Techniek heeft altijd te maken met onzekerheid en dat is altijd uitproberen. Zo is ook het boek ontstaan; door veel te praten met mensen die allerlei ideeën hadden. Ik geloof in het neerleggen van een probleem, daar hele knappe koppen bij elkaar zetten met verstand van zaken en dan tot een oplossing komen. Er zijn dan altijd creatieve oplossingen om uit de shit te komen.

Is vertrouwen in de mens belangrijk?

Zeker, in een project moet je elkaar vertrouwen. Als dat vertrouwen er is en iedereen werkt aan hetzelfde doel, dan komt het goed. Maar wat gebeurt er in de praktijk? Om het doel veilig te stellen, komt er een contract met allerlei boetes als je niet aan de verwachtingen voldoet. Gaat er dan iets mis, kijkt iedereen naar die boeteclausules. Dat kost dan meer energie dan  het oplossen van de problemen.

U pleit voor duidelijke einddoelen en vertrouwen in vakmensen?

Zeker, vroeger had ik een baas, die ook superdeskundig was en dat werkte perfect. Nu zijn de bazen vaak managers en voor technici is het lastig communiceren. De managers  hebben behoefte aan zekerheid en dat gaan ze oplossen door strakke sturing en controle. Maar ja, dat maakt het werkt wel weer extra ingewikkeld. Dat is echt een serieus probleem.

Heeft u vertrouwen in de impact van uw boek?

Daar ben ik een beetje pessimistisch in. Probleem is dat er zoveel belangen zijn bij overheid en managers om dit systeem in stand te houden. Misschien moet het echt een keertje helemaal donker worden.

Over Aad Slootmaker
Aad Slootmaker is bij de Open Universiteit Nederland werkzaam als technisch ontwerper.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Boek bij dit artikel

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden