Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Het rechtvaardigheidsgevoel - 'Zaken waar je je voordeel mee kan doen'
25 maart 2021 | Peter van der Wel

Filterbubbels, fabeltjesfuiken, complotdenkers, politieke polarisatie, Qanon; hoe komt het nu dat mensen zulke totaal verschillende opvattingen kunnen hebben over kwesties zoals bijvoorbeeld immigratie of klimaatverandering?

Onlangs verscheen het boek; Het rechtvaardigheidsgevoel: waarom wij niet allemaal hetzelfde denken over politiek en moraal geschreven door de sociaal psycholoog Jonathan Haidt. Zou hier het antwoord in staan op deze vraag? Antwoord: Ja, maar....

Het boek Het rechtvaardigheidsgevoel: waarom wij niet allemaal hetzelfde denken over politiek en moraal dateert alweer uit 2012, maar is nu pas in Nederlandse vertaling verschenen. De auteur, sociaal psycholoog Jonathan Haidt, is ondermeer hoogleraar Ethisch Leiderschap aan de Universiteit van New York en deed met de verschijning van dit boek indertijd in de Verenigde Staten flink wat stof opwaaien. En in deze tijd van toenemende politieke fragmentarisering en polarisatie is het onderwerp van dit boek nog steeds actueel. Wat heb ik allemaal uit dit boek gehaald?

Laat ik beginnen te vermelden dat ik geen psycholoog ben en ook geen ethicus of moraalfilosoof. Ik ben weliswaar wetenschappelijk geschoold, maar heb dit boek puur uit interesse in politiek, ethiek en moraal gelezen.

Haidt geeft een verrassende en, voor zover ik kan beoordelen, overtuigende verklaring voor de verschillen tussen de politieke en normatieve opvattingen van mensen van verschillende politieke kleur. Vooral deel 1 vond ik wat dat betreft sterk. In dit deel beschrijft Haidt de uitkomsten van zijn eigen onderzoeken naar moraal. De voorbeelden van de testvragen uit zijn onderzoeken zijn vaak  verhelderend en nodigden mij uit tot nadenken over mijn eigen opvattingen. Ik ga hier niet de inhoud van zijn boek samenvatten, maar dit deel 1 en het volgende deel 2 bieden heldere inzichten die, voor zover ik dat kan beoordelen, goed zijn onderbouwd door onderzoek van Haidt en van collega psychologen.

Bij het lezen van deze eerste twee delen was mijn gebrek aan psychologische achtergrond af en toe wel een handicap. Ik ben niet thuis in de verschillen tussen de vele specialisaties en stromingen binnen de psychologie die aan bod komen zoals cognitieve psychologie, morele psychologie, empirische psychologie, sociale psychologie, evolutionaire psychologie en zo nog een paar.

Hoewel het boek goed leesbaar is, is Haidt duidelijk geen wetenschapsjournalist. Sommige hoofdstukken lezen als gepopulariseerde collegedictaten. Dat leidt soms tot herhalingen in de verschillende hoofdstukken.

Deel 3, waar ik dan de conclusies had verwacht, viel me echter tegen. Hier wordt Haidt mij te speculatief. Het klinkt wel aannemelijk allemaal, maar niemand weet echt hoe de morele opvattingen van onze voorouders er 70.000 jaar geleden uit hebben gezien. Ook zijn evolutionaire verklaringen waarom we als mens wel of niet groepsgericht zijn of waarom er religies bestaan, blijven m.i. te veel steken in aannames.

Ik had hier juist meer aandacht verwacht voor de vraag hoe we de toenemende kloof tussen progressieven en conservatieven zouden kunnen overbruggen. Misschien wreekt zich hier ook het feit dat dit boek oorspronkelijk alweer uit 2012 dateert. Ook meer aandacht voor de recente ontwikkelingen rond algoritmes en sociale media zouden het boek nog relevanter hebben gemaakt.

Al met al heeft Haidt een aantal zeer behartenswaardige zaken te melden waar iedereen zijn of haar voordeel mee kan doen. Privé in gesprekken over politiek, ethiek of geloof en dan niet om zijn of haar gelijk te halen, maar ook om nader tot elkaar te komen. Zakelijk in de professionele omgang met andersdenkenden, binnen de eigen cultuur, maar ook uit andere (niet-westerse) culturen. En tot slot iedereen die bijvoorbeeld als politicus, ethicus of religieus voorganger te dealen heeft met verschillen in morele opvattingen.

Peter van der Wel (www.vanderwel.net) houdt zich al ruim 30 jaar professioneel met de toekomst bezig. Hij is auteur van verschillende boeken op het gebied van futurologie en toekomstverkennen en mede-oprichter en voormalig vice-president van de Dutch Future Society.


Het Rechtvaardigheidsgevoel - 'Enorme diepgang'
22 maart 2021 | Peter de Roode

Na zijn bestseller uit 2006 De Gelukshypothese duurde het vrij lang voordat vooraanstaand psycholoog Jonathan Haidt met iets op de markt kwam dat tot de verbeelding sprak. Het rechtvaardigheidsgevoel is een boek met een enorme diepgang.

Haidt laat in zijn nieuwe boek fraai zien hoe wij door ons rechtvaardigheidsgevoel in staat zijn om tot grote samenwerkingsverbanden te komen maar dat het ons tevens kan verblinden.

Wie De Gelukshypothese heeft gelezen kent de briljante metafoor van Haidt over de olifant en de berijder. Te vergelijken met Kahneman's Systeem 1 en 2 maar wat mij betreft veel aansprekender uitgelegd. Het rechtvaardigheidsgevoel is absoluut te lezen zonder kennis te hebben van De Gelukshypothese. Dit nieuwe boek neemt ons mee naar de tijd dat Haidt zelf bezig was met zijn promotiestudie en hoe hij landen als India en Brazilië bezocht om onderzoek te doen. In hoofdstuk 1 stelt Haidt de vraag centraal waar de moraal vandaan komt. Als lezer komen voor mij aanvankelijk nog wat bekende namen voorbij: Piaget en Kohlberg, maar van Turiel had ik nog niet eerder gehoord. Deze onderzoeker ontdekte dat jonge kinderen niet met alle regels hetzelfde omgaan zoals Piaget en Kohlberg hadden verondersteld. Kinderen begrijpen dat regels die schade of letsel voorkòmen belangrijk en universeel zijn. Turiel ontdekte dus dat kinderen onderscheid maakten tussen morele regels en conventionele.

Maar daarmee was dit hoofdstuk niet beëindigd. Opnieuw een nieuwe en voor mij volkomen onbekende naam komt langs die met een schokkend inzicht komt. Het is de antropoloog Schweder die in een deelstaat van India woont (Orissa) en wil weten hoe het sociocentrisme versus het individualisme zich verhoudt tot de theorieën van Kohlberg en Piaget. Het leidde tot de conclusie dat Turiels theorie niet op ging voor andere culturen en dat het morele domein varieerde per land en sociale klasse.

Haidt deed in die periode zijn promotiestudie - begin jaren '90- en in 1993 publiceerde hij zijn bevindingen maar er kwam geen enkele reactie. Pijnlijk natuurlijk, maar Haidt liet zich niet uit het veld slaan. Zo krijgt de lezer niet alleen inzicht in de inhoud van het conceptuele onderwerp ‘rechtvaardigheid' maar ook in de persoon en diens drive Jonathan Haidt. Hij zou het onderzoek van Schweder later over gaan doen om de twijfels die er aan kleefden, weg te nemen.

Terug naar de olifant. Moraliteit is niet bedoeld om de waarheid te achterhalen. Ons gevoel bepaalt ons oordeel en dat is het domein van de olifant. Haidt concludeert dan ook het volgende: eerst komen de intuïties en pas dan de strategische redeneringen. Welnu, dat weten we alweer een tijdje maar gelukkig stopt Haidt daar ook niet. Hij heeft nog veel meer te vertellen. Zo deelt hij zijn lezers mee dat de westerse moraal vaak maar gebaseerd is op een of twee ‘smaakpapillen': schade en oneerlijkheid en eerlijkheid en onrechtvaardigheid. Dit werkt hij m.i. zeer uitvoerig en diepgaand uit. Ook begrijpelijk, want op dit punt heeft hij als professor onderzoek laten doen. Zijn conclusies zijn zeer interessant en in eerste instantie alleen van toepassing op de Amerikaanse politiek. Haidt concludeerde dat de Democraten vooral vertrouwen op het zorgzaamheid/eerlijkheidsfundament terwijl de Republikeinen een veel bredere opvatting hebben van moraliteit.

Nuttig om te weten is dat   Haidt zelf een Democraat is, maar desondanks stelt dat de Republikeinen veel meer inzicht hebben in morele psychologie. Hij merkt tegen De Democraten op: Jullie spreken slechts de berijder aan! Oftewel: de rationele kant van moraliteit. Grote namen krijgen een klein of wat forser tikje uitgedeeld wanneer Haidt het onderscheid intuïtie versus rationalisme aan de orde stelt. Hij verwijst naar Plato, Kant, Kohlberg, Stuart Mill onder vermelding van ‘Het waanidee van het rationalisme'. Toen Obama in 2008 slechts twee morele fundamenten thematiseerde begon Haidt zich zorgen te maken.

Als lezer worden we weliswaar de Amerikaanse politiek in gezogen en vernemen we dat de Democraten vooral vergeleken worden op moreel gebied met John Stuart Mill en de Republikeinen met Emile Durkheim maar een ieder kan de beschreven concepten vertalen naar diens eigen context. Haidt is heel duidelijk en stelt dat we het rationalisme moeten verwerpen ten faveure van het intuïtionisme. Maar hij stelt ook dat moraal zowel verbindt als verblindt. Dat heeft hij op een zeer fraaie en een meeslepende wijze gedaan. Een geweldig en onmisbaar boek voor diegenen die geïnteresseerd zijn in ethiek.

Drs. Peter de Roode is zelfstandig adviseur en trainer. Hij ondersteunt organisaties bij het invoeren van grootschalige veranderingen waarbij gedragsverandering centraal staat. Hij is auteur van de boeken Meegaan of dwarsliggenWerkvormen voor managers en Leidinggeven kun je zelf. Samen met meerdere auteurs schreef hij onder red. van Rob van Es het boek Praktijkboek Veranderdiagnose en samen met Peter van den Boom schreef hij Theatervoorstellingen in organisaties. Naast zijn schrijfactiviteiten is hij spreker en organiseert hij trainingen en seminars over actuele managementthema's.


Het rechtvaardigheidsgevoel - 'Haidt is een denker in de buitencategorie'
4 maart 2021 | Freija van Duijne

Politieke opvattingen waren al langere tijd behoorlijk gepolariseerd. In het eerste Corona-jaar lijken we elkaar soms echt niet meer te begrijpen. Functioneert het morele kompas van die ander nog wel?

Sociaal-psycholoog Jonathan Haidt heeft grondig graafwerk verricht naar onze morele oordeelsvorming en komt met verrassende inzichten. Progressieve mensen, zoals hijzelf, richten zich op een smallere set morele waarden dan conservatieven.

Het rechtvaardigheidsgevoel is het persoonlijke verhaal van een top-wetenschapper die ons meeneemt op de reis van zijn onderzoek en de inzichten die hij op allerlei plekken heeft opgedaan. Zijn werk als onderzoeker begon met een stuk onvrede over de heersende inzichten over moraliteit. Namelijk dat mensen beredeneren wat goed en fout is. In zijn onderzoek met kinderen en pubers in de VS en Latijns Amerika ontdekte hij dat mensen aanvoelen of iets kan of niet, en daarna pas de argumenten verzamelen. Dat sluit aan bij de ideeën van de verlichtingsdenker David Hume, aan wie we dit mooie citaat danken: "reason is a slave of the passions". Haidt gebruikt zelf de metafoor van de morele intuïtieve olifant. De bestuurder, de strategische redenatie, komt pas in de tweede plaats.

We zijn dus geen rationele wezens die niets belangrijker vinden dan moreel zuiver te handelen. Het draait allemaal om onze reputatie. Als we maar niet gepakt worden voor onze leugens en slecht gedrag. We zijn groepsdieren benadrukt Haidt als sociaal-psycholoog. Op zijn eigen Ivy League universiteit ontdekt hij dat er iets raars aan de hand is met westerse progressieve mensen. Het uitzonderlijke van onze liberale cultuur is dat wij alleen lijken te kijken naar de morele aspecten van geen pijn en schade aanrichten (waar ook zorgzaamheid onder valt), en eerlijkheid. Overal elders zijn mensen ontvankelijker voor de morele fundamenten van loyaliteit en autoriteit. Ook de integriteit, zo je wilt de heiligheid van het lichaam wordt in andere culturen meer gewaardeerd dan onder liberale westerlingen.

Zo ontwikkelt Haidt de Moral Foundations Theory. Die zal hij later nog verfijnen door eerlijkheid specificeren als rechtvaardige eerlijkheid, en vrijheid versus onderdrukking toe te voegen. Het onderzoek van zijn team onthult dat de Democraten in de VS slechts twee morele fundamenten benutten en Republikeinen het hele spectrum. Daarmee laten de Democraten dus kansen liggen en nemen ze de bevolking onvoldoende mee met hun progressieve agenda's. Een eye opener waar politieke partijen nog steeds veel aan kunnen hebben.

Haidt duikt verder in de sociale dimensie van moraliteit. Hij betoogt dat mensen minder zelfzuchtig en meer groepsdieren zijn dan eerder werd aangenomen. We zijn geëvolueerd om in groepen te leven. Hij noemt ons de homo duplex, die over een "hive switch" beschikt waardoor we onder bepaalde omstandigheden opgaan in groepen en ons eigen belang op de tweede plaats stellen. We zijn 90% chimpansee en 10% bijenvolk. In groepen, maar ook in de natuur, beleven we magische momenten en voelen we ons verbonden.

Religie is een krachtige verbinder, en Haidt laat zien dat de grote evolutiefilosofen, zoals Dennett en Dawkins het mis hebben in hun kritiek op religie. Religie gaat over meer dan geloof in god. Een geloofsgemeenschap is verbindend vanuit zeer krachtige spirituele waarden. Dit versterkt zorgzaamheid en toewijding van de gemeenschap en onderdrukt de neiging tot profiteren van de groepsinzet (free riding).

Moraliteit verbindt én verblindt, zo blijkt uit Haidt's onderzoek. We hebben een blinde vlek voor de morele fundamenten van andere groepen. Vooral liberale mensen begrijpen niet hoe conservatieven zich laten leiden door loyaliteit en autoriteit. Dit zijn precies de waarden die te maken hebben met gemeenschapszin. Progressieve agenda's richten zich op de rechten van bijvoorbeeld minderheidsgroeperingen. Ze hebben echter weinig aandacht voor de achteruitgang van gemeenschapszin en de wijze waarop sociale vangnetten verdelende rechtvaardigheid doorkruizen.

Haidt spoort ons aan om onze hive switch te gebruiken. We kunnen dichter bij elkaar komen door ons te verdiepen in de waarden van de ander. We hebben immers het vermogen om ons directe eigenbelang te overstijgen en op te gaan in het geheel. Naast de uitzonderlijke theoretische diepgang maakt dit het boek ook praktisch toepasbaar. Haidt is een denker in de buitencategorie. Terecht dat zijn boek nu ook in het Nederlands is vertaald.

Freija van Duijne was van 2013 tot 2018 voorzitter van de Dutch Future Society. Zij heeft meer dan tien jaar werkervaring als toekomstverkenner en strateeg in diverse overheidsorganisaties. Freija werkt vanuit haar bedrijf Future Motions en geeft trainingen en lezingen op gebied van toekomstverkennen. Ze schreef zelf ook een boek: Toekomstverkennen. Ze maakt deel uit van het collectief van toekomstdenkers voor de trendrede.


Het rechtvaardigheidsgevoel - 'Een knappe prestatie'
26 februari 2021 | Rudy Kor

Jonathan Haidt is hoogleraar ethisch leiderschap. Hij werd ooit door het tijdschrift Foreign Policy uitgeroepen tot een van de 'beste mondiale denkers'. Het rechtvaardigheidsgevoel is het resultaat van zijn 'rondreis door de menselijke natuur'.

Haidt schreef Het rechtvaardigheidsgevoel - Waarom wij niet allemaal hetzelfde denken over politiek en moraal al in 2012, met als titel The Righteous Mind: Why Good People Are Divided by Politics and Religion. Het is onduidelijk waarom het nu pas vertaald is, maar het is toevallig wel een goed moment nu er in de USA en in NL zo veel te doen is over ‘wij versus zij'.

Intuïtie versus redeneren
In Deel I, van het boek, ‘Intuïties komen eerst, strategische redeneringen volgen', onderbouwt Haidt zijn stelling dat in ons brein er sprake is van intuïtie versus redeneren. Verder legt hij uit waar moraal vandaan komt en wat het nut van moraal is bij groepsvorming. De centrale metafoor van in dit deel is dat onze geest verdeeld is, zoals een berijder op een olifant. Hij doelt daarmee op bewust redeneren versus automatisch reageren.

In deel II werkt Haidt de stelling uit dat moraal over meer gaat dan het schaden van anderen en eerlijk zijn. De centrale metafoor van dit deel is dat onze (ver)oordelende geest is als één tong met zes smaakpapillen. Deze zes zijn morele fundamenten van (politieke) meningsvorming en groepen blijken weerzin te hebben tegen de keerzijde van een smaakpapil/fundament. Een smaakpapil is bijvoorbeeld eerlijkheid die als keerzijde bedrog heeft. Zo is bij de smaakpapil loyaliteit de keerzijde verraad en bij autoriteit is de keerzijde subversie.  

In deel III, met als titel ‘Moraal bindt en verblindt', komt Haidt met zijn definitie van moraal. Elementen uit zijn (uitgebreide) definitie van moraal/morele systemen zijn: 'in elkaar grijpende sets van waarden, deugden, praktijken....' en 'ontwikkelde psychologische mechanismen die samenwerken om het eigenbelang te onderdrukken....'. De centrale metafoor van dit deel is dat mensen voor 90 procent chimpansees zijn (gericht op het bevorderen eigenbelang) en voor 10 procent bijen (ons vermogen om eigenbelang te overstijgen en deel te worden van een geheel).

De Olifant handelt intuïtief en de Berijder rationaliseert
Haidt verdeelt de menselijke geest in wat hij de Olifant en de Berijder noemt. Beslissingen worden impulsief genomen door de Olifant, het automatisch en het snelwerkende systeem in onze hersenen waarover we weinig controle hebben. Pas nadat de beslissing door de Olifant is genomen, komt de Berijder vervolgens met een gerationaliseerde, "redelijke" redenering. De Berijder is de redenerende, snel vermoeide, rationele geest en de Olifant is de impulsieve, onvermoeibare en intuïtieve geest.

Deze theorie beschreef hij al eerder in zijn in 2006 verschenen boek De Gelukshypothese. Veel mensen zullen deze tweedeling herkennen uit het in 2011 verschenen boek Ons feilbare denken van Kahneman. Bij Kahneman heet de Olifant Systeem 1 en heet de Berijder Systeem 2. Haidt grijpt regelmatig in zijn boek terug naar de metafoor van de Olifant en Berijder. Het is niet verwonderlijk dat Haidt vanuit deze redenering volledig rationeel denken verwerpt.

Soms gaat een individu op in een 'wij'
In het boek gaan twee hoofdstukken over een bijzonder aspect van groepsgedrag: ‘muscular bonding'. Een mechanisme dat optreedt wanneer mensen zingen in een koor, zittend op de tribune bij een spannende wedstrijd of bij het luisteren naar een preek. Het zijn situaties waarin een individu (‚ik') deel wordt van een groep ('wij'). Leiders kunnen dit mechanisme ge- en misbruiken.

Een degelijk populair wetenschappelijk boek
Haidt schrijft in een persoonlijke stijl, wat goed past bij - zoals hij het noemt - zijn 'rondreis door de menselijke natuur'. Het product van zijn rondreis is een boeiend populair wetenschappelijk boek. Haidt verantwoordt in de tekst of achter in het boek op welke bronnen hij een bepaalde redenering baseert. Deze degelijke aanpak maakt dat het boek wel enig doorzettingsvermogen van de lezer vraagt. Het zoeken van bepaalde onderwerpen wordt vergemakkelijkt door de uitgebreide index.

Persoonlijke verhalen en wetenschappelijke verhandelingen
De auteur maakt het de lezer gemakkelijk door per hoofdstuk te zeggen wat hij gaat vertellen, vervolgens vertelt hij het en ten slotte wordt het nog een keer puntsgewijs samengevat. Dit is erg handig omdat het onderwerp in dit boek complex is en het helpt bij het lezen en onthouden. Het is een knappe prestatie de grote lijnen vast te houden in een op sociaal-wetenschappelijk onderzoek gebaseerd boek, dat nog aangevuld wordt met een grote hoeveelheid persoonlijke verhalen, weetjes en metaforen.

Intellectuele lenigheid
Mensen met een religieus wereldbeeld of met vaststaande opvattingen over goed en fout, zullen regelmatig fronsend Haidt's redeneringen lezen. Bijvoorbeeld kan de titel van hoofdstuk 11 ‘Religie is een teamsport' provocerend ervaren worden. Haidt stelt dat religie een evolutionaire aanpassing is om mensen in groepen samen te binden en hen te helpen om een gemeenschap te vormen met een gedeelde moraal. En zodra ze een bepaald 'verhaal' hebben aanvaard worden ze blind voor andere morele werelden.

Wat mensen verdeelt
Haidt belooft dat hij in zijn boek een antwoord geeft op de vraag waarom mensen zo door politiek en religie worden verdeeld. En dat antwoord levert de sociaal en cultureel psycholoog Haidt. Kort samengevat is zijn antwoord dat onze geest ontworpen is om morele oordelen te ontwikkelen en te accepteren die gericht zijn op groepsvorming. Mensen zijn ten diepste intuïtieve wezens. Onze instinctieve gevoelens beheersen onze strategische redeneringen. Dat maakt het volgens hem zo moeilijk een verbinding te maken met mensen die in andere zaken geloven.

Wanneer je in gesprek bent met iemand van een andere overtuiging, is zijn advies om eerst oprecht belangstelling te tonen en te zoeken naar iets positiefs. 'Moraal, politiek en religie kunnen geweldige gesprekonderwerpen zijn, maar alleen zolang de olifanten op hun gemak zijn en de berijders buiten dienst.'

Rudy Kor is zelfstandig organisatieadviseur en auteur van diverse managementboeken. Tot voor kort werkte hij (als partner) bij Twynstra Gudde. Hij startte zijn werkzame leven bij Philips in Eindhoven. Als adviseur helpt hij (project)managers bij het effectiever inrichten van hun projecten. Als veellezer wordt hij gedreven door nieuwsgierigheid. Voor de lezer die benieuwd is wat anderen van een boek vinden, schrijft hij recensies voor Managementboek.nl


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden