Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
5 maart 2015 | Peter Streefkerk

Sprookjes bestaan niet en professionals op witte paarden ook niet. Of het zouden Jeroen Dubbeldam, Anky van Grunsven of Edward Gal moeten zijn, maar dan hebben we het over een andere tak van sport, over een andere kleur paard en over een echte sport.

De professionals waar het in het boek ‘De professional op het witte paard’ om gaat zijn de professionele dienstverleners, die ieder bedrijf of organisatie in meer of mindere mate nodig heeft voor de continuïteit van de bedrijfsvoering. Daar gaat heel wat geld in om, tientallen miljarden zelfs, en die miljarden worden volgens de auteurs niet altijd even goed besteed. Of nog beter gezegd, niet altijd even goed ingekocht.

De eerste gedachte die bij het lezen van de titel naar boven komt is ‘heb je dan ook niet- professionele dienstverleners?’. Je zou toch zeggen dat die dienstverleners zichzelf de nek omdraaien als ze niet professioneel genoeg zijn.

Maar nee, daar doelen de drie auteurs Martherus, Plasier en Talhaoui niet op. Bij professionele dienstverlening wordt de dienstverlening uitgevoerd door een professional die voldoet aan een aantal kenmerken waaronder een hogere opleiding en een brede kennis van een bepaald vakgebied. In bijlage 1 van het boek wordt die keuze in 12 pagina’s nog eens grondig beargumenteerd en duidelijk uitgelegd.

‘De professional op het witte paard’ lijkt het afgelopen jaar enigszins ondergesneeuwd door de zegetocht van het boek ‘Inkoop, een nieuw paradigma’. Toch is dit boek van aanzienlijk belang voor inkopend Nederland. Waarom? Omdat de auteurs terecht opmerken dat de rol van de inkoper bij het inhuren van professionals vaak ondergeschikt is.

Verder merken de auteurs op dat het gehele proces van inhuur niet altijd uitblinkt door transparantie. De voorbeelden die zij daarbij schetsen zijn heel herkenbaar: de manager die een kennis heeft die ook wel eens wat op het betreffende vakgebied heeft gedaan of het terughalen van een eerder ingehuurde kracht maar nu voor een andere taak. Dat is natuurlijk deels gechargeerd, maar er zit wel met een grote kern van waarheid in. Hier zijn dus verbeteringen mogelijk.

Transformatie van productie- naar een diensteneconomie
Waarom is het boek nog meer van belang? Allereerst vanwege het financiële belang dat er jaarlijks met inhuur is gemoeid. Je mag er vanuit gaan dat hier circa 60 miljard op jaarbasis aan wordt besteed. Dat bedrag wordt alleen maar meer. Zeker als je bedenkt dat de Nederlandse economie langzaam transformeert van een productie- naar een diensteneconomie.

Cijfers tonen verder aan dat in veel gevallen een aanzienlijk percentage van de omzet van een bedrijf of organisatie bestaat uit kosten voor inhuur. Om het belang nog meer te benadrukken beschrijven de auteurs ook nog een aantal andere ontwikkelingen zoals de toenemende concurrentie en prijsdruk, de flexibilisering van de arbeidsmarkt, de opkomst van intermediairs en de schaarste aan toptalent.

Na de beschrijving van de vragende organisatie, de leveranciers in de markt en de inkopende organisatie wordt vervolgens aangegeven hoe de samenwerking tussen deze drie partijen gestalte kan krijgen. Ook hier blinkt het boek uit in concrete tips.

En net als je denkt dat je het allemaal doorhebt, volgt een hoofdstuk over de negen uitdagingen waar een inkopende organisatie voor geplaatst wordt. Met recht de inkopende organisatie en niet alleen de afdeling Inkoop. Samenwerking met de opdrachtgever is essentieel en daar wordt uitgebreid bij stil gestaan.

En een keuze is er. In het laatste hoofdstuk worden de zeven succesfactoren behandeld. Dit gebeurt aan de hand van een stappenplan en bijbehorende vragenlijsten die je in je eigen bedrijf of organisatie kunt toepassen. Niet uitgebreid maar het biedt voldoende aanknopingspunten voor een ervaren inkoper om het naar believen uit te werken.

Het enige dat vervolgens niet klopt is de iets te nadrukkelijke verkoopboodschap voor de eigen dienstverlening van de auteurs aan het eind van dit hoofdstuk. Ook een beetje overbodig uitgaande van hun eigen aanpak, waar de vraag in- of uitbesteden vanzelf aan de orde komt.

Er zijn voldoende argumenten aanwezig voor een geïnteresseerde inkoper om dit boek aan te schaffen. Al is het alleen maar omdat een dergelijk specifiek op de inkoop van inhuur gericht boek tot nog toe ontbrak. Met dit boek vullen de drie auteurs terecht een leemte in de inkoopliteratuur. Goed onderbouwd en gebaseerd op eigen onderzoek (bijlage 2) reiken ze een een concreet stappenplan en handvatten aan.

Is er dan helemaal niets mis met dit boek. Nee, niet echt of het zou de keuze van de auteurs moeten zijn de ZZP-ers niet nadrukkelijk naar voren te laten komen als een serieuze factor om bij inhuur rekening mee te houden. Momenteel zijn er volgens cijfers van het CBS meer dan 700.000 ZZP-ers en vindt er zelfs een discussie plaats over het toekennen van stemrecht binnen de SER. Je had dan ook mogen verwachten dat de ZZP-ers een prominentere plaats in het boek hadden gekregen.


De professional op het witte paard
5 maart 2015 | Peter Streefkerk

Sprookjes bestaan niet en professionals op witte paarden ook niet. Of het zouden Jeroen Dubbeldam, Anky van Grunsven of Edward Gal moeten zijn, maar dan hebben we het over een andere tak van sport, over een andere kleur paard en over een echte sport. De professionals waar het in het boek ‘De professional op het witte paard’ om gaat zijn de professionele dienstverleners, die ieder bedrijf of organisatie in meer of mindere mate nodig heeft voor de continuïteit van de bedrijfsvoering. Daar gaat heel wat geld in om, tientallen miljarden zelfs, en die miljarden worden volgens de auteurs niet altijd even goed besteed. Of nog beter gezegd, niet altijd even goed ingekocht.

De eerste gedachte die bij het lezen van de titel naar boven komt is ‘heb je dan ook niet- professionele dienstverleners?’. Je zou toch zeggen dat die dienstverleners zichzelf de nek omdraaien als ze niet professioneel genoeg zijn.

Maar nee, daar doelen de drie auteurs Martherus, Plasier en Talhaoui niet op. Bij professionele dienstverlening wordt de dienstverlening uitgevoerd door een professional die voldoet aan een aantal kenmerken waaronder een hogere opleiding en een brede kennis van een bepaald vakgebied. In bijlage 1 van het boek wordt die keuze in 12 pagina’s nog eens grondig beargumenteerd en duidelijk uitgelegd.

‘De professional op het witte paard’ lijkt het afgelopen jaar enigszins ondergesneeuwd door de zegetocht van het boek ‘Inkoop, een nieuw paradigma’. Toch is dit boek van aanzienlijk belang voor inkopend Nederland. Waarom? Omdat de auteurs terecht opmerken dat de rol van de inkoper bij het inhuren van professionals vaak ondergeschikt is.

Verder merken de auteurs op dat het gehele proces van inhuur niet altijd uitblinkt door transparantie. De voorbeelden die zij daarbij schetsen zijn heel herkenbaar: de manager die een kennis heeft die ook wel eens wat op het betreffende vakgebied heeft gedaan of het terughalen van een eerder ingehuurde kracht maar nu voor een andere taak. Dat is natuurlijk deels gechargeerd, maar er zit wel met een grote kern van waarheid in. Hier zijn dus verbeteringen mogelijk.

Transformatie van productie- naar een diensteneconomie
Waarom is het boek nog meer van belang? Allereerst vanwege het financiële belang dat er jaarlijks met inhuur is gemoeid. Je mag er vanuit gaan dat hier circa 60 miljard op jaarbasis aan wordt besteed. Dat bedrag wordt alleen maar meer. Zeker als je bedenkt dat de Nederlandse economie langzaam transformeert van een productie- naar een diensteneconomie.

Cijfers tonen verder aan dat in veel gevallen een aanzienlijk percentage van de omzet van een bedrijf of organisatie bestaat uit kosten voor inhuur. Om het belang nog meer te benadrukken beschrijven de auteurs ook nog een aantal andere ontwikkelingen zoals de toenemende concurrentie en prijsdruk, de flexibilisering van de arbeidsmarkt, de opkomst van intermediairs en de schaarste aan toptalent.

Na de beschrijving van de vragende organisatie, de leveranciers in de markt en de inkopende organisatie wordt vervolgens aangegeven hoe de samenwerking tussen deze drie partijen gestalte kan krijgen. Ook hier blinkt het boek uit in concrete tips.

En net als je denkt dat je het allemaal doorhebt, volgt een hoofdstuk over de negen uitdagingen waar een inkopende organisatie voor geplaatst wordt. Met recht de inkopende organisatie en niet alleen de afdeling Inkoop. Samenwerking met de opdrachtgever is essentieel en daar wordt uitgebreid bij stil gestaan.

En een keuze is er. In het laatste hoofdstuk worden de zeven succesfactoren behandeld. Dit gebeurt aan de hand van een stappenplan en bijbehorende vragenlijsten die je in je eigen bedrijf of organisatie kunt toepassen. Niet uitgebreid maar het biedt voldoende aanknopingspunten voor een ervaren inkoper om het naar believen uit te werken.

Het enige dat vervolgens niet klopt is de iets te nadrukkelijke verkoopboodschap voor de eigen dienstverlening van de auteurs aan het eind van dit hoofdstuk. Ook een beetje overbodig uitgaande van hun eigen aanpak, waar de vraag in- of uitbesteden vanzelf aan de orde komt.

Er zijn voldoende argumenten aanwezig voor een geïnteresseerde inkoper om dit boek aan te schaffen. Al is het alleen maar omdat een dergelijk specifiek op de inkoop van inhuur gericht boek tot nog toe ontbrak. Met dit boek vullen de drie auteurs terecht een leemte in de inkoopliteratuur. Goed onderbouwd en gebaseerd op eigen onderzoek (bijlage 2) reiken ze een een concreet stappenplan en handvatten aan.

Is er dan helemaal niets mis met dit boek. Nee, niet echt of het zou de keuze van de auteurs moeten zijn de ZZP-ers niet nadrukkelijk naar voren te laten komen als een serieuze factor om bij inhuur rekening mee te houden. Momenteel zijn er volgens cijfers van het CBS meer dan 700.000 ZZP-ers en vindt er zelfs een discussie plaats over het toekennen van stemrecht binnen de SER. Je had dan ook mogen verwachten dat de ZZP-ers een prominentere plaats in het boek hadden gekregen.


Wat heeft het opgeleverd?
27 oktober 2010 | Ronald Buitenhuis

Jaarlijks worden door overheid en bedrijfsleven vele miljarden euro’s uitgegeven aan inhuur van professionals. De tevredenheid over die uitgegeven miljarden is echter vaak gering. Hoe dat kan en hoe het anders moet, daarover gaat het boek ‘De professional op het witte paard’ van Edwin Martherus, Marco Plasier en Achraf Talhaoui.

‘De professional op het witte paard’ raakt aan een belangwekkend thema. Wie herkent het niet? Al die inhuur van mensen waarbij je je achteraf afvraagt… wat hebben ze gedaan en wat heeft het nu daadwerkelijk opgeleverd? Onderzoek wijst uit dat de gemiddelde inhuur maar een magere voldoende krijgt: een 6,8. Dat betekent onvermijdelijk dat er naast een paar dikke voldoendes veel onvoldoendes worden uitgedeeld. De auteurs hebben zeker een punt door te stellen dat inkoop een hele ondoorzichtige rol vervult bij het inhuren van capaciteit. Eigenlijk zou inkoop – net als bij potloden en pennen – na moeten denken over wat de wensen zijn, wie het levert en wat de toegevoegde waarde is. Maar die vraag wordt zelden hardop gesteld. Het is vaak de lijnmanager die een ‘vriendje’ kent of een inhuurkracht die ‘de vorige keer goed werk heeft geleverd’. De validiteit achter die opmerking is vaak ver te zoeken. En als een manager iemand inhuurt, zal hij maar zelden zeggen dat een project niet goed is afgerond. Begin- en eindsituatie worden vaak ook niet gedefinieerd en zo is er nogal wat loos met inhuur. Zowel voor IT-specialisten als strategie- en adviesconsulenten. Er wordt dan ook een treurige conclusie getrokken in ‘De professional op het witte paard’: eigenlijk is niemand echt tevreden over de ingehuurde professionele dienstverlener.

Het probleem lost zich dus vanzelf op, zou je denken. De crisis zorgt er immers voor dat menig zzp’er thuis zit omdat bedrijven weer meer zelf gaan doen. De auteurs verlossen ons van dit sprookje. De vraag naar professionele inhuur blijft, en als de rookwolken rond de crisis zijn opgetrokken, zal die vraag zelfs alleen maar groter worden. En dus bieden de auteurs handvatten hoe je een goede professional inhuurt. Zeven in totaal. De eerste is: creëer een sense of urgency. Tweede succesfactor is: definieer de heldere behoefte aan professionele dienstverlening. Organiseer ook informatievoorziening door inkoop, bepaal de inkoopstrategie per type dienstverlening, realiseer zogenaamde smart buys, monitor de toegevoegde waarde, voer de regie en borg opgedane kennis in de organisatie.

Refererend aan de titel van het boek, is het natuurlijk de vraag of die professional op het witte paard te vinden is, of dat het een sprookje is waarvan de uitkomst op papier mooi is, maar toch altijd imaginair. Hoe vind je in het woud van professionals nu de goede? Volgens de auteurs is die professional op het witte paard echt wel te vinden, en hoeft dat ook niet zo heel moeilijk te zijn. Volg de zeven handvatten en je bent al een heel eind. Wel zit er – zoals in de meeste sprookjes – een figuurlijk giftig appeltje verborgen in het boek. De auteurs hebben allen een bedrijf dat actief is in de match van vraag en aanbod van professionals, of het inrichten van een goede organisatie rondom inhuur. Op pagina 91 gaan ze net even een stap ter ver in het promoten van de eigen business. Dat smaakt niet helemaal goed. Maar voor wie die hap overleeft of negeert, rest een zeer belangrijke boodschap: veel inhuur gaat mis en dat is doodzonde. En het kan dus anders, zoals dit sprookje ons leert.


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden