Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Wij wijzen u graag op het volgende
Door drukte rondom de feestdagen zijn de levertijden van PostNL aangepast en kan uw pakket vertraging oplopen
14 september 2010 | Michel Hoetmer

Boeken over leiderschap mogen zich steevast in een grote populariteit verheugen. De grote bulk aan literatuur doet een poging om een aantal eigenschappen te definiëren waaraan leiders zouden moeten voldoen. Frank Schaper breekt in zijn boek 'Hoe je een geboren leider wordt' met deze traditie. Hij stelt er een ander idee tegenover: leiders zijn volgers. Ze modelleren hun leiderschap aan de hand van hun rolmodellen. Rolmodellen uit hun eigen leven en de literatuur. Een interessante gedachte.

Wanneer je dit uit de kluiten gewassen en rijk geïllustreerde boek in de hand neemt, nodigt 'Hoe je een geboren leider wordt' direct uit om door te bladeren. Het is precies wat ik deed. Op een gegeven moment viel mijn oog op het hoofdstuk over Hitler. Het trok mijn aandacht en ik begon meteen te lezen. Het is een goed gestructureerd hoofdstuk waarin uit de doeken wordt gedaan hoe Hitler zichzelf opwerkte tot een van de machtigste mannen op aarde en al doende weerzinwekkende misdaden beging. Hitler verslond boeken en kalkte ze vol met aantekeningen. Door deze aantekeningen te volgen krijg je een beter beeld van dit heerschap.

Het smaakte naar meer en dus besloot ik verder te gaan, nu zoals je een boek hoort te lezen: van begin tot eind. Het draaide uit op een teleurstelling. Het deed me denken aan een vakantie in Italië. Wij bezochten als eerste Rome met zijn talloze fraaie bouwwerken. Daarna kon niets meer in de schaduw staan van de Sint Pieter en de Sixtijnse kapel.

Zo verging het me ook met 'Hoe je een geboren leider wordt'. Het hoofdstuk over Hitler is logisch opgebouwd en geeft een fraai inkijkje in de ziel van deze moorddadige potentaat. Het wordt gaandeweg duidelijk hoe hij zijn waanideeën vergaarde: Hitler was een selectieve lezer. Voor afwijkende meningen was geen plaats. Op die manier versterkte hij zijn eigen 'gedachtegoed'. Zijn leven vormde een weerspiegeling van zijn leesvoer. Helaas kan de rest van dit boek niet tippen aan dit hoofdstuk.

Wat ik niet zo goed begrijp, is dat Schaper begint over zijn eigen leiderschap. Je zou kwaad kunnen denken en veronderstellen dat hij zichzelf pedant opvoert in de galerij van wereldleiders die de revue passeren. Ik denk dat dit niet het geval is. Toch was het verstandiger geweest om zijn leiderschap in een inleidend hoofdstuk te beschrijven. Daarmee voorkom je de schijn van ijdeltuiterij en voorzie je het boek van een soort verantwoording: wat de persoonlijke aanleiding van de auteur was voor zijn gedachten.

Het boek is rommelig geschreven. Na het uitgebreide portret van Hitler verwacht je onwillekeurig dat wereldleiders, zoals Kennedy, Stalin, Churchill en de vele anderen die de revue passeren een min of meer evenredig aandeel krijgen. Dat is niet het geval. Schaper springt van de hak op de tak. Soms kan ik het niet goed meer volgen en moet ik teksten opnieuw lezen. Over wie heeft hij het nu? Stalin of Saddam Hoessein?

Het nawoord is een weergave van het probleem waarmee de auteur worstelde. Het boek is tot stand gekomen als een stripboek. Dat wil zeggen: de auteur heeft eerst de plaatjes geordend en daarna de teksten geschreven. Pas bij opmaak 15 was het boek 'af'.

In een notendop schetst de auteur hiermee de tekortkoming van dit boek. Het is te fragmentarisch. Ook is me niet altijd duidelijk waarom sommige illustraties geplaatst zijn. Totdat iemand me er op attendeert dat de plaatjes op de linkerpagina's een spiegelbeeld zijn van de plaatjes op de rechterpagina's.

Aan de hand van het hoofdstuk over Barak Obama verduidelijkt de auteur zijn idee over het ontstaan van leiderschap in vijf fasen:
1 De natuurlijke geboorte
2 Een relevante gave
3 Een persoonlijk motief
4 Een aansprekende missie
5 Een groep volgers
Dat laatste is zoals Gyuri Vergouw beweert in zijn boek 'Oranje wereldkampioen' de essentie van leiderschap: een leider is iemand die voldoende volgers weet te verzamelen.

Al met al heeft Schaper een uniek boek geproduceerd. De verbanden die hij legt met stripboeken getuigen van een interessante kijk op het onderwerp. Het idee van modelleren klinkt plausibel. Het boek bevat talloze interessante weetjes en feitjes. Jammer dat het de auteur niet is gelukt om orde in de chaos te scheppen.

Leiders zijn volgers
25 januari 2010 | Pierre de Winter

Leuke titel: Hoe je een geboren leider wordt. Het maakt je nieuwsgierig en vertelt ook nog eens precies waar dit boek over gaat. Hoewel: je zou kunnen denken dat het hier een ‘how to’-boek betreft. ‘Tien tips voor geboren leiderschap’, dat genre. En dat is het nu juist nadrukkelijk weer niet.

Frank Schaper - luchtvaartingenieur van opleiding - verliet de KLM in 2001 om freelance auteur en coach te worden. Maar als uitvinder boekte hij zijn eerste succes. Samen met zijn broer ontwikkelde hij de perfect ronde voetbal die door Nike in productie werd genomen. Het verschafte hem voldoende armslag om zich op zijn nieuwe carrière te kunnen richten. Dat leidde tot drie boeken, over stressbeheersing en het enneagram, die bescheiden succes sorteerden. Dit boek is zijn vierde, en voor Schaper ongetwijfeld het belangrijkste.

‘De geschiedenis herhaalt zich niet, wij herhalen de geschiedenis’, schrijft hij in zijn concluderende paragraaf. En daarmee raakt hij de kern van zijn boodschap. Leerstelliger wordt hij ook niet, want aan leerstelligheid heeft deze oud-KLM topmanager vermoedelijk een broertje dood. ‘Als mijn boek een moraal heeft, dan is het bewustwording’, schrijft hij enkele regels later.

Maar met het achterliggende idee dat hij tracht over te brengen, neemt hij wel degelijk een stevige positie in in het ‘nature-nurture’ debat over de vraag of het karakter - en daarmee de acties - van mensen vanaf hun geboorte vaststaat, of dat dat karakter grotendeels tijdens de opvoeding gevormd wordt. Schaper staat met dit boek aan de ‘nurture’- kant in dat debat: leiderschap is in zijn ogen een resultante van de voorbeelden die je tot je neemt. Leiders zijn dus in essentie onbewuste volgers. Zijn missie is om bloot te leggen hoe dat werkt - in een wisselwerking tussen het bewuste en het onderbewuste - en en passant wil hij ons meegeven dat je niet wordt gebóren als leider, je wórdt het.

De oorzaak in het menselijke brein voor dat mechanisme van identificatie en imitatie wordt gevormd door zogenaamde spiegelneuronen. Deze herscheppen in onze hersenen een emotionele scène die we waarnemen op TV of op een foto. ‘We "weten" door deze hersencellen wat de personages voelen en wat hun intenties zijn, waardoor wij hetzelfde doel gaan nastreven’, schrijft Schaper. ‘En met leiders en rolmodellen doen we dat meer dan met anderen.’ Hij gebruikt dit gegeven voor een fascinerende, op z’n minst zeer vermakelijke speurtocht naar de origines van leiderschap.

In eerste instantie neemt hij zijn eigen leiderschap onder de loep. Hoe is hij bij de KLM zo hoog (vlak onder het directieniveau) gekomen? Welke eigenschappen hebben hem daarbij geholpen? En wat heeft gemaakt dat het daarbij vereiste gedrag hem klaarblijkelijk zo makkelijk afging? Op zoek naar wat ‘een geboren leider’ maakt, komt hij uit bij de belangrijkste rolmodellen die hij in zijn jeugd tot zich heeft genomen: striphelden! Van Lucky Luke en Spiderman tot Ridder Vaillant, Erik de Noorman en nog vele anderen. Schaper ‘vrat’ in zijn jeugd stripboeken en aan allen blijkt hij schatplichtig. Wat volgt is een vrolijke reconstructie van zijn KLM-carrière aan de hand van deze ‘avatars’ die zich in de loop van zijn jeugd in zijn onderbewuste hebben vastgezet.

Zo verbindt hij de rol die hij in april 1994 bij de KLM speelde tijdens het zogenaamde Saab-incident - een Saab-toestel van KLM was neergestort op Schiphol-Oost, net buiten de landingsbaan – rechtstreeks aan een stripboek dat hij ooit las over een van zijn striphelden: Bernard Prince. In het album ‘De verschroeide aarde’ krijgt die een SOS-bericht over een eiland in de buurt dat wordt geteisterd door een bosbrand. Voor Prince het sein om in actie te komen. Hij analyseert het probleem, overwint alle tegenslagen en redt een groep vluchtelingen van het eiland. Schaper: ‘Dit album, uitgekomen toen ik zestien was, maakt destijds diepe indruk op mij.’

Tijdens het Saab-incident - Schaper is dan 36 jaar oud - is hij de Bernard Prince van de KLM. Als hij hoort van het ongeluk, wordt hem verzekerd dat hij niet naar kantoor hoeft te komen. Hij gaat toch, neemt de leiding over van het crisiscentrum en is twee weken lang, ‘als in een roes’, het middelpunt van de operatie. ‘De leider in mij nam het initiatief en liep naar het centrum van de ruimte. De rest ging als vanzelf.’ Zijn collega’s ervoeren zijn optreden als ‘geboren leiderschap’. ‘Maar’, schrijft Schaper, ‘ík was het niet geweest. Het was mijn innerlijke Bernard Prince, die een mayday had ontvangen.’

Zijn carrière op het hoofdkantoor van de Koninklijke Luchtvaart Maatschappij legt hij langs de meetlat van de avonturen van jeugdheld prins Vaillant. En zijn aanpak als adviseur van een conflict tussen twee groeperingen binnen het bedrijf van een klant blijkt grote overeenkomsten te vertonen met wat Lucky Luke doet in het album ‘Naijver in painful Gulch’.

Het lijkt allemaal wat gezocht, en hier en daar is Schaper in zijn ijver om overeenkomsten te vinden tussen zijn eigen leven en zijn stripboeken, zeker iets te ver gegaan (bijvoorbeeld als hij een trip naar New York, aan het eind van een jaar wonen en werken in de VS, probeert te verklaren uit het feit dat striphelden als Kuifje, Buck Danny, Bernard Prince en Spiderman daar ook waren). Maar het levert ook mooie beelden en doorkijkjes in de menselijke geest op (‘hoogmoed komt niet voort uit leiderschap, het is waar leiderschap uit voortkomt’) en al vertellend laat Schaper fijntjes zien dat al die stripverhalen van hem niet zoveel afwijken van het gemiddelde managementboek.

Wat volgt, is een serie portretten van wereldleiders - van Sarkozy en Obama tot Bush, maar ook Mao en Adolf Hitler - die hij allemaal aan de hand van hun avatars, de beelden die door hun spiegelneuronen in het onbewuste brein zijn vastgezet, probeert te ontleden. Het levert interessante verhalen op waarin Obama niet alleen aan zijn vader en Martin Luther King maar ook aan Spiderman schatplichtig blijkt. En waarin hij Adolf Hitlers inspiratiebronnen (onder andere Old Shatterhand, Djengis Khan!) bloot legt.

Is dat alles? Nee. Want tot nu toe is geen recht gedaan aan de prachtige rol die het beeld speelt in dit boek. Niet alleen de striptekeningen maar ook foto’s, boekcovers en oud plaatmateriaal, illustreren vaak op briljante wijze wat Schaper ons wil laten zien. Dat is op zich niet vreemd. Dit boek gaat over beelden. En beelden brengen een boodschap vaak veel simpeler en directer over dan een stuk tekst. Maar de manier waarop Schaper ze heeft weten te gebruiken is zonder meer verhelderend, vaak humoristisch en bijna altijd effectief, en verraadt dat hij al jaren met deze bril op door kranten, boeken en bladen ploegt. Op zoek naar materiaal om zijn ideeën te illustreren.

Wetenschap zouden we dit boek niet willen noemen. Want een stelling wordt hier geponeerd noch verdedigd, en de bewijsvoering is hier en daar erg dun. Maar mooi is het wel, origineel ook en af en toe zeer verrassend.

Kortom: een aanrader die helaas ontbreekt op de shortlist voor het Managementboek van het Jaar.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden