Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Interview

Angela Duckworth

‘Er zijn geen sluiproutes op de weg naar succes’

De doorslaggevende factor voor succes is niet talent, maar uithoudingsvermogen, zegt de Amerikaanse psycholoog Angela Duckworth in De Grit-factor - De kracht van passie en doorzettingsvermogen. Grootse prestaties komen niet uit de lucht vallen, maar zijn het gevolg van een incrementeel proces dat nooit af is. ‘Precies wat agile bedrijven ook nastreven.’

Jeroen Ansink | 1 maart 2017 | 4-6 minuten leestijd

Volgens Webster's woordenboek betekent grit letterlijk ‘lef en hardnekkigheid’. Wat is uw definitie?
Ik definieer grit als passie en uithoudingsvermogen voor doelen op de lange termijn. De grit-factor is het vermogen tot volharding, een toewijding aan een alomvattende ambitie, en de bereidheid om daar je ziel en zaligheid in te blijven stoppen, zelfs als daar een lange worsteling voor nodig is. Dit betekent ook dat vasthoudendheid belangrijker is dan talent. Inzet telt zelfs voor twee: aanleg maal inspanning staat gelijk aan vaardigheid, en vaardigheid maal inspanning staat gelijk aan succes.

Het idee dat inzet belangrijker is dan talent is niet nieuw. Zo citeert u Charles Darwin die stelde dat ‘mensen, op dwazen na, niet zozeer verschillen in intellect, maar in geestdrift en hard werk’ - en dat dit de doorslag geeft.
Klopt, en toch houden we nog steeds collectief vast aan de mythe van het natuurtalent. We zijn gefascineerd door mensen die kennelijk zonder moeite van de ene dag op de andere tot spectaculaire hoogtes zijn gegroeid. Maar in werkelijkheid is elk succesverhaal een kwestie van kleine, zwaarbevochten stapjes, waarbij vooruitgang gemarkeerd wordt door vallen en opstaan. Daarmee is niet gezegd dat de jaren en soms decennia van keihard trainen een tranendal hoeven te zijn. De meeste toonbeelden van grit genieten net zoveel van de reis als van de bestemming. Maar er zijn geen sluiproutes op de weg naar succes.

Veel bedrijven laten zich momenteel leiden door een ‘fail fast’ mantra, waarbij ze mislukkingen verwelkomen als een reden om een andere weg in te slaan. Is deze agile-mentaliteit verenigbaar met de volharding die nodig is voor grit?
Zolang ondernemingen het grote plaatje in de gaten blijven houden, wel. Grit betekent niet dat je inflexibel moet zijn, maar dat je slim omgaat met je prioriteiten. Mensen met grit werken toe naar dat ene, alomvattende doel waaraan niet getornd mag worden. Daaronder bevindt zich doorgaans een reeks secundaire doelen die soms wel, soms niet realistisch blijken te zijn. Het is geen probleem om een falende tactiek te vervangen door een nevendoel dat makkelijker is te bereiken. Maar hoe dichter je de kern van je ambitie nadert, hoe belangrijker het wordt om koppig te blijven volhouden. Een effectief hulpmiddel hierbij is doelbewuste training, een vorm van oefening waarbij je je specifiek richt op die dingen die consequent nog niet lukken. Elke mislukking draagt vervolgens bij tot nieuwe informatie die de basis legt voor de volgende poging. Die sequentie van falen, leren en opnieuw proberen is precies wat agile en innovatieve bedrijven ook nastreven.

U beschrijft grit als een proces dat begint met een passie, groeit met training, en floreert met het besef dat onze vaardigheden ook de medemens kunnen dienen. Het kan soms jaren duren voordat we daar de vruchten van plukken. Waar te beginnen?
Er zijn verschillende manieren om de grit-factor te ontwikkelen. De eerste komt van binnenuit, en houdt in dat je zelf de discipline moet opbrengen om je dag in, dag uit aan het stramien te onderwerpen. Hierbij is een zogeheten groei mindset van cruciaal belang. Grit wordt aangewakkerd door de hoop dat onze inspanningen onze toekomst kunnen verbeteren, en het geloof dat we daadwerkelijk kunnen veranderen. Het coachen van anderen is een tweede optie. Er gebeurt iets wonderlijks als we mensen helpen met het koesteren van hun passie, het omgaan met frustraties, en het geloof in hun persoonlijke groei. Dergelijke adviezen blijken onszelf eveneens grittier te maken. Je kunt grit tenslotte ook van buiten naar binnen ontwikkelen, bijvoorbeeld door je aan te sluiten bij een gritty cultuur. Dat is doorgaans de makkelijkste manier, omdat je daarbij voortgestuwd wordt door de groep. Onze aanpassingsdrang is zo krachtig dat het onze identiteit kan vormen. Dat biedt een drijfveer in die periodes waarin grit nog geen vruchten afwerpt.

Kunt u een voorbeeld geven van organisaties met grit?
Ik ben een groot bewonderaar van de militaire academie West Point, de American football-club Seattle Seahawks, en de financiële instelling JP Morgan Chase. In al deze organisaties is er sprake van sterke leiders die de combinatie van passie en volharding op een dagelijkse basis in de praktijk brengen. Ze weten hun mensen zowel op de proef te stellen als te steunen, wat makkelijk lijkt op papier, maar in realiteit vaak moeilijk blijkt te bewerkstelligen. Het grootste obstakel is misschien om de evolutie van je bedrijfscultuur telkens weer een oppepper te geven, elke dag, non-stop. Het is alsof de motivatie van je organisatie een ballon is die voor de helft met helium is gevuld. Je moet er continu tegenaan blijven slaan om ervoor te zorgen dat die ballon in de lucht blijft, ook al weet je vantevoren dat na verloop van tijd de zwaartekracht weer de overhand zal krijgen. Dat vereist een aanpak die, om de term van JP Morgan-directeur Jamie Dimon te gebruiken, meedogenloos is.

Is grit een garantie om te slagen? Of hebben mensen met grit de vaardigheid ontwikkeld om succes anders te definiëren?
Er zijn geen garanties in het leven, en grit is niet de enige succesfactor. De kansen die we krijgen spelen ook een rol, net als geluk, talent, en al die andere kwaliteiten die van professionele waarde zijn, zoals interpersoonlijke vaardigheden, besluitvaardigheid en creativiteit. Maar grit maakt de kans op succes wel groter. En zelfs als je er niet mee slaagt, dan heb je in ieder geval nog de troost dat je hebt gedaan wat je kon. Bovendien zijn prestaties vaak ook een subjectieve ervaring, wat het mogelijk maakt om in de meest mondaine werkzaamheden nog zingeving te vinden. Mensen kunnen zonder van baan te veranderen hun functie omvormen van een negen-tot-vijf activiteit tot een roeping, gewoon door anders tegen hun verantwoordelijkheden aan te kijken.

Over Jeroen Ansink
Jeroen Ansink (Utrecht, 1970) is financieel-economisch journalist. Sinds 1998 woont en werkt hij in New York, aanvankelijk als correspondent voor FEM Business, later ook voor bladen als HP/De Tijd, Management Team, Forum en Fortune.com. Voor Managementboek schrijft hij interviews, recensies, en summaries. Ansink voltooide een vrij doctoraal in de Letteren aan de Radboud Universiteit in Nijmegen (adoptierichting geschiedenis) en behaalde het certificaat Business Journalism aan de Wharton Business School aan de Universiteit van Pennsylvania.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden