Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Wij wijzen u graag op het volgende
Door drukte rondom de feestdagen zijn de levertijden van PostNL aangepast en kan uw pakket vertraging oplopen

Interview

Bert Peene | 14 december 2011 | 4-5 minuten leestijd

Espérance Blaauw

‘Beelden maken het makkelijker te zeggen wat je echt denkt’

Werken met beeldmateriaal vanuit een talentgerichte benadering zijn de belangrijkste succesfactoren van Coachkaarten, een nieuwe ‘toerustingstool’ naar eigen zeggen. Dit instrument is, zoals de titel al min of meer suggereert, met name bedoeld voor iedereen die beroepshalve over voldoende coachingsvaardigheden beschikt. Volgens de ‘gouden regels’ op een van de kaarten betekent dat onder meer dat je een OEN moet durven zijn, LSD moet gebruiken en OMA thuis moet laten. En dat prikkelde Managementboek Magazine om Espérance Blaauw, de auteur, te bevragen over de achtergronden van dit beeldende instrument.

U heeft gekozen voor de ‘talentgerichte benadering’. Is dat een nieuwe stroming?
De talentgerichte benadering is ontstaan vanuit mijn eigen ervaring. De Coachkaarten heb ik oorspronkelijk ontwikkeld voor mijn studenten. Naast docent pedagogiek en didactiek was ik ook studiecoach. En ik merkte dat het benoemen van successen, hoe klein ook, en het uitspreken van vertrouwen veel meer effect had dan het plaatsen van de bekende kritische noten. Die waarderende benadering bleek zeer effectief als vertrekpunt om daarna samen de verbindingen te leggen tussen successen en leerdoelen. Pas bij het ontwikkelen van de Coachkaarten ontdekte ik de ‘Positieve Psychologie’ en het werk van Seligman en Csiksentmihalyi. Het is dan wel heel leuk om te ontdekken dat mijn ervaringen en ideeën zo mooi aansloten bij deze nieuwe ontwikkelingen in de psychologie.

Wat is de meerwaarde van het werken met foto’s in coaching?
Beelden zijn een krachtig middel, in elke vorm van communicatie. Nieuwe beelden worden automatisch gekoppeld aan eerder opgeslagen beelden in je geheugen: het fenomeen beeldassociatie. De beelden en de vragen raken dus altijd even je herinneringen aan. Je mag de vraag zelf interpreteren en (voor)lezen. Dat maakt het makkelijker om te zeggen wat je echt denkt in plaats van het sociaal wenselijke antwoord dat op je lippen ligt als je het gesprek voert met een coachende manager of docent. Uit ervaring kan ik zeggen dat de beelden in de set ruimte en plezier geven in gesprekken. Mensen mogen even de tijd nemen om na te denken en zitten vaak met een glimlach om hun mondhoeken voor ze het antwoord geven.

Zijn de gebruikte foto’s niet wat ‘plat’: de beelden zijn wat ze zijn en meer niet?
In de set heb ik bewust de keuze gemaakt voor herkenbare, mooie en alledaagse beelden. Beelden met een knipoog naar de vraag. Mensen zouden, bij wijze van spreken, de set kaarten zelf samengesteld kunnen hebben uit hun eigen fotocollectie. Deze gedachte is gebaseerd op de verschillende coachgesprekken met 'test versies' van de Coachkaarten. Ik merkte al snel dat esthetische perfectie of symbolische beelden mensen niet raken op een zelfde manier als ‘echte’ beelden dat doen. Opgegroeid in een wereld vol reclame, maken mensen en zeker de huidige generatie jongeren onbewust maar vlijmscherp een keuze tussen 'echt' en 'nep'. Alles wat te mooi, gestileerd of geënsceneerd is, gaat niet over hen. Dat schept afstand in een gesprek dat juist gericht is op het persoonlijke van hun ontwikkeling.

Wat is de functie van de verschillende vraagcategorieën?
De vraagcategorieën zijn ontstaan vanuit de gebruikers en spelers. De Coachkaarten zijn in de praktijk ontwikkeld. Ik heb misschien wel zes verschillende testversies gemaakt. Net zolang tot er een set foto’s met vragen overbleef waar ik van kan zeggen dat het werkt. In totaal heeft dit proces een jaar geduurd. Deze manier van ontwikkelen betekende ook dat er vooraf geen uitgewerkt plan lag waarin stond welke theorieën of categorieën er in de set aan bod moesten komen of hoeveel kaarten een categorie moest hebben. Oorspronkelijk hadden alle fotokaarten een donkerblauwe achterkant. Trainers, coaches en docenten hadden echter behoefte aan een verdeling en herkenbaarheid. Met name in die herkenbaarheid zit duidelijk een praktische meerwaarde voor de voorbereiding en de bijsturing van de gesprekken. Het open karakter van de vragen geeft ruimte voor interpretatie. Sommige vragen passen in meerdere categorieën. Maar door de herkenbaarheid van de verschillende categorieën kun je als coach nu makkelijker ‘spelen’ met de vragen.

Ik vind het moeilijk een duidelijke relatie te zien tussen de vragen en de bijbehorende categorieën.
De positieve vragen richten zich op het benoemen van dat waar je goed of bijzonder in bent. De reflectievragen richten zich op situaties en gebeurtenissen die belangrijk voor je zijn geweest of waar je iets van geleerd hebt. De toekomstvragen dagen je uit te benoemen wat je wilt bereiken. De negatieve vragen creëren de mogelijkheid uit te spreken waar je niet goed in bent. Voor sommige mensen is dat makkelijker dan te vertellen waar ze goed in zijn. De talentvragen gaan over kwaliteiten en vaardigheden die je in verschillende (beroeps)situaties nodig hebt.

De gepresenteerde werkwijze lijkt me vooral beschouwelijk en weinig actiegericht.
De Coachkaarten zijn oorspronkelijk ontwikkeld voor het MBO. Uit ervaring weet ik dat deze doelgroep meer actiegericht dan beschouwelijk is ingesteld. De vragen dagen uit tot eerlijkheid en zelfreflectie. Alle vragen zijn gericht op talent, ambitie en visie. Dit boven tafel krijgen is niet alleen voor MBO-studenten best moeilijk. Het feit dat de Coachkaarten een succes zijn geworden van het speciaal onderwijs tot in management development programma’s bewijst het nut van praktische beschouwelijkheid. Het antwoord bepaalt het niveau van het gesprek, de gekozen werkvorm of de creativiteit van de gebruikers de actiegerichtheid ervan.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden