Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Recensie

De waarheid ligt ergens in het midden

Met zijn boek Managers en professionals probeert Hans de Bruijn een brug te slaan tussen de beide beroepsgroepen, die de laatste jaren in toenemende mate tegenover elkaar zijn komen te staan. De stelling van De Bruijn: managers en professionals kunnen behoorlijk wat last van elkaar hebben, maar ze kunnen niet zonder elkaar. Meer zelfkennis en opofferingsgezindheid zouden voor een beter begrip kunnen zorgen.

Hans van der Klis | 4 november 2008 | 2-3 minuten leestijd

De discussie over de tegenstelling tussen Managers en professionals begint al wat sleetse plekken te vertonen. Hoewel de meeste schrijvers over dit onderwerp vaak genuanceerder zijn dan titel of flaptekst doen vermoeden, kan het verhaal uitgetekend worden: professionals willen bij hun taak niet gehinderd worden door papierwerk en bureaucratie. Managers stellen op hun beurt vast dat professionals er zonder leidinggevenden vaak een rommeltje van maken, omdat zij onvoldoende interesse in het functioneren van hun organisatie tonen. Op de werkvloer kan dit conflict gemakkelijk uitmonden in een loopgravenoorlog. Waarom? Omdat beide partijen gelijk hebben.

Dat is in grove lijnen ook het verhaal van Hans de Bruijn, hoogleraar bestuurskunde aan de Technische Universiteit Delft. Niet voor niets heeft hij voor de titel Managers en professionals gekozen, met het woordje ‘en’ cursief op het omslag. Dat lijkt een voorbode van een saai betoog dat de waarheid ergens in het midden ligt. Niets is minder waar: De Bruijn heeft een uitermate onderhoudend boek geschreven, waarin hij zijn opvattingen met verve uit de doeken doet.

Hij besteedt ook geen aandacht aan eerdere boeken die over dit onderwerp verschenen zijn, zodat een al te flauwe welles-nietes discussie uitblijft. De Bruijn heeft genoeg aan zijn eigen scherpe pen om de tegenstelling tussen managers en professionals uit de doeken te doen. Daarbij gaat hij systematisch te werk: na de inleidende hoofdstukken over management als probleem en management als oplossing, neemt hij strategie, kwaliteit, samenwerking, kennis en innovatie, prestaties en verandering onder de loep. Door zijn grote kennis van zaken weet hij steeds begrip te kweken voor tegengestelde standpunten, waardoor zijn opvattingen almaar aan geloofwaardigheid winnen. Bovendien is hij niet bang om zo nu en dan stevige kritiek te uiten: managers die te veel vertrouwen op model talk, die zonder tact veranderingen opdringen, die hun werk doen zonder enige inhoudelijke kennis of zonder respect te tonen voor professionals, krijgen het stevig voor hun kiezen.

Maar De Bruijn laat de professionals ook niet ongemoeid. Als hoogleraar rekent hij zichzelf tot deze groep. Hij heeft in het begin van zijn carrière van dichtbij meegemaakt hoe professionals kunnen neerkijken op managementtaken. Het was een gemankeerde taak, een vorm van corvee, schrijft hij. Dat kan in ziekenhuizen of op universiteiten, ‘klassieke professionele organisaties’ waar vakkennis van eminent belang is, contraproductief zijn. In navolging van Mathieu Weggeman roept hij professionals op om ook managementtaken op zich te nemen. Als geen ander moet de managing professional in staat worden geacht te fungeren als ‘hitteschild’, een positie waarin professionals beter dan managers in staat zijn de uitwerking van bepaalde ontwikkelingen (‘interventies’) binnen een organisatie op waarde te schatten.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Boek bij dit artikel

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden