Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Wij wijzen u graag op het volgende
Door drukte zijn de levertijden van PostNL aangepast en kan uw pakket vertraging oplopen. Door de Brexit kan de levering van Engelse boeken vertraging oplopen.
Lead IT or Lose IT
3 juni 2010 | Ben Kuiken

Meer dan de helft van de IT-projecten mislukt. Ze lopen uit, kosten meer dan was begroot of leveren niet de gewenste resultaten op. Nico Beenker onderzocht de oorzaken en komt tot een opmerkelijk conclusie: de fout ligt bij de opdrachtgever.

Maar liefst 53 procent van de IT-projecten mislukt. Dit blijkt uit het onderzoek dat projectmanager en organisatieadviseur Nico Beenker verrichtte onder ruim tachtig businessmanagers, IT-managers en IT-leveranciers. Het project loopt uit, kost veel meer dan vooraf was begroot, of levert niet het gewenste resultaat op voor de organisatie. Hiermee gaan jaarlijks miljarden euro’s verloren, constateert Beenker, nog afgezien van de kansen die de organisatie erdoor mist.

Is het dan zo moeilijk, een IT-project goed plannen en uitvoeren? Komt het doordat de organisatie te veel wil of niet weet wat zij wil, of steeds maar weer met nieuwe eisen komt? Heeft zij misschien geen goede afspraken gemaakt met de IT-dienstverlener en te weinig vastgelegd in ‘service level agreements’ en andere documenten? Of ligt de schuld van het falen bij de IT-bedrijven, die hun klanten beloftes doen die ze nooit waar kunnen maken?

Misschien dat dit allemaal wel een rol speelt, maar de belangrijkste oorzaak van het falen van IT-projecten ligt volgens Beenker bij de opdrachtgever. Die legt vooraf niet te weinig vast maar juist te veel! Alle onzekerheden, specificaties en eisen worden vooraf volledig dichtgetimmerd, waardoor er geen ruimte meer is voor de dienstverlener om met een passende oplossing te komen voor de echte vraag van de klant. De opdrachtgever zou zich daarom moeten beperken tot de gewenste resultaten die zij verwacht van het nieuwe IT-systeem, bijvoorbeeld in de vorm van een businesscase, en de verdere invulling zo veel mogelijk moeten overlaten aan de IT-dienstverlener.

Een opmerkelijk geluid, maar ook een geluid dat voor wie er even over nadenkt toch ook wel redelijk logisch klinkt. Het past bovendien in een trend naar een grotere acceptatie van het feit dat je complexe processen niet van A tot Z in de hand kunt houden. De wet van Murphy geldt met andere woorden ook in de IT en het wordt tijd dat opdrachtgevers dit accepteren. Wellicht dat het boek van Beenker hier een bijdrage aan kan leveren.

Nico Beenker: ‘Meeste IT-mislukkingen te wijten aan slecht opdrachtgever- schap’
18 maart 2010 | Hans van der Klis

Dat fusies en overnames lang niet altijd goed verlopen, is zo langzamerhand wel bekend. Maar ook de implementatie van standaardsoftware gaat opvallend vaak mis. Organisatieadviseur Nico Beenker heeft vastgesteld dat meer dan de helft van de grote IT-projecten mislukt. Hij heeft zijn bevindingen opgeschreven in het boek Lead IT or Lose IT, dat eind maart verschijnt. M&L belde even met de auteur en legde hem alvast een paar vragen voor.

Ze halen regelmatig de krant: grote IT-projecten die mislukken, inclusief de daarmee gepaard gaande ongemakken als budgetoverschrijdingen. Nico Beenker, die zich als organisatieadviseur heeft toegelegd op IT-projecten, kan zich er nog steeds over verbazen. ‘Wij weten al jaren dat er dingen misgaan in de IT-branche: software die niet geschikt is, die te vroeg in gebruik wordt genomen. En die situatie lijkt nauwelijks te verbeteren. Er is duidelijk sprake van een gebrekkige kwaliteit van de projectmatige manier waarmee in de IT-sector wordt gewerkt.’

Beenker besloot onderzoek te gaan doen naar de oorzaken. Hij kwam tot opmerkelijke conclusies. ‘De bottom line is dat het allemaal te herleiden is naar slecht opdrachtgeverschap’, zegt hij onomwonden. ‘Directies die willen investeren in nieuwe IT-systemen, managen de projecten niet goed. Ze hebben last van koudwatervrees. Eigenlijk kun je de kiemen voor de mislukkingen al terugvinden in de voorbereidingen. De verantwoordelijkheid voor de implementatie van nieuwe IT-systemen wordt te laag in de organisatie gedelegeerd, vaak naar IT-specialisten. Het gevolg is dat de opdrachten te instrumenteel zijn, te veel in IT-termen zijn gesteld.’

De conclusie van het boek is genuanceerd, zegt Beenker. Hij ziet ook zwakheden bij de IT-dienstverleners die zich vaak nogal opportunistisch opstellen: zij blijven maar meerwerk factureren, de klanttevredenheid is laag. ‘Het is een onvolwassen business’, stelt Beenker vast. Maar hij vindt het onterecht dat opdrachtgevers altijd met de beschuldigende vinger naar de IT-dienstverleners wijzen. ‘Als opdrachtgever moet je staan voor je beslissingen. Je kunt het IT-dienstverleners niet kwalijk nemen als zij met slechte opdrachten aan het werk gaan.’

Beenker is van mening dat de bestuurders met hun opstelling tegenover grootschalige IT-projecten bijdragen aan een taalprobleem. ‘Op het moment dat je de doelstellingen te laag in de organisatie laat formuleren, moet je niet verbaasd zijn dat deze te technisch zijn. Maar IT is niet het doel van de onderneming, IT is een middel. De doelstelling van IT-projecten moet dus in lijn liggen met die van de onderneming. Ik denk ook dat het een misverstand is dat je verstand moet hebben van IT om deze investering te kunnen sturen. Vier van de vijf falende IT-projecten faalt vóórdat de informatietechnologie écht in beeld komt. De problemen worden niet veroorzaakt door technische problemen, maar vooral door onduidelijkheid in de communicatie en het dichttimmeren van alle onzekerheden in het selectie- en implementatieproces. Een goede bestuurder weet om te gaan met onzekerheid en stelt de juiste vragen. Dat geldt ook voor ondernemingen die een IT-specialist in de raad van bestuur hebben. Diens profiel moet ook niet te technisch zijn. Het komt altijd neer op het richten van de opdrachten. Managers moeten voorkomen dat ondergeschikten zich verliezen in details.’

Beenker heeft veel tijd in zijn boek gestoken, in totaal bijna negen maanden. Hij heeft interviews afgenomen met meer dan 25 IT-dienstverleners, IT-opdrachtgevers, hoogleraren, onderzoekers en consultants. Na de juiste definities te hebben geformuleerd, kon hij vaststellen dat 54 procent van de projecten met standaardsoftware op enig moment misgaat. Bij één IT-dienstverlener bedraagt dit percentage zelfs 94 procent. ‘Ik verbaas mij dat dit al jarenlang zo kan voortduren en dat er van beide kanten geen serieuze pogingen ondernomen worden om dit te verbeteren. De brancheorganisatie van IT-dienstverleners wilde niet meewerken. Opdrachtgevers blijken zelf ook weinig belangstelling te hebben voor het achterhalen van de faaloorzaken. Daar begrijp ik niets van. Klanten moeten hun investeringen toch rechtvaardigen? IT’ers en academici houden zich al jaren met dit onderwerp bezig, het is de hoogste tijd dat topmanagers dat ook gaan doen. Met de dertien IT-hulpmiddelen voor businessmanagers die ik in mijn boek heb opgenomen, kunnen zij alvast een begin maken.’

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden